ECLI:NL:RBNNE:2026:690
Rechtbank Noord-Nederland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Ongegrond beroep tegen last onder dwangsom voor bouwen dakkapel zonder vergunning
Deze uitspraak betreft een last onder dwangsom opgelegd door het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Súdwest-Fryslân vanwege het bouwen van een dakkapel zonder de vereiste omgevingsvergunning op een woning in [plaats]. Eiser betwist de last en voert meerdere beroepsgronden aan, waaronder het ontbreken van een overtreding, concreet zicht op legalisatie, tijdsverloop, het vertrouwensbeginsel en de financiële gevolgen van handhaving.
De rechtbank oordeelt dat de dakkapel zonder vergunning is gebouwd, omdat de bouwvergunning uit 2008 alleen betrekking had op een interne verbouwing en niet op de dakkapel zoals gerealiseerd. Er is geen concreet zicht op legalisatie omdat de dakkapel een welstandsexces vormt en het college niet bereid is een vergunning te verlenen. Het tijdsverloop en de financiële gevolgen leiden niet tot het afzien van handhaving. Ook het beroep op het vertrouwensbeginsel faalt, omdat geen toezeggingen of gedragingen van het college aannemelijk zijn gemaakt die een gerechtvaardigde verwachting scheppen dat niet zou worden gehandhaafd.
De rechtbank verklaart het beroep ongegrond, waardoor de last onder dwangsom in stand blijft. Eiser krijgt geen vergoeding van proceskosten of griffierecht terug. De uitspraak is gedaan door rechter E. Hardenberg op 23 februari 2026.
Uitkomst: Het beroep tegen de last onder dwangsom wegens bouwen zonder vergunning wordt ongegrond verklaard en de last blijft in stand.