Uitspraak
RECHTBANK Noord-Nederland
1.De procedure
- de conclusie van antwoord;
- de mondelinge behandeling van 22 mei 2026, waarvan door de griffier aantekeningen zijn gemaakt
- de pleitnota van COA.
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Rechtbank Noord-Nederland
De zaak betreft een vordering van een vrouw die ruimere bezoektijden voor haar man, die onrechtmatig in Nederland verblijft, eist om haar en hun pasgeboren zoon in een AZC te bezoeken. De vrouw is rechtmatig in Nederland en verblijft in het AZC, terwijl de man geen verblijfsrecht heeft en door het COA beperkt wordt toegelaten vanwege veiligheids- en gedragsproblemen.
De voorzieningenrechter erkent het recht op family life tussen partijen en stelt vast dat de huidige bezoekregeling een inbreuk vormt op dit recht. COA heeft een legitiem doel met de beperking, namelijk het waarborgen van veiligheid en orde in het AZC. De rechter weegt dit af tegen het belang van de vrouw en oordeelt dat de beperking niet proportioneel is in de gegeven omstandigheden.
De vordering wordt gedeeltelijk toegewezen: de man mag vanaf 29 mei 2026 tot zes weken na de geboorte vijf dagen per week drie uur aaneengesloten bezoeken brengen. Verdere verruiming wordt afgewezen omdat de man geen recht heeft op verstrekkingen en de belangen van COA zwaar wegen. De proceskosten worden gecompenseerd.
Uitkomst: De rechtbank beveelt COA om de man vijf dagen per week drie uur aaneengesloten te laten bezoeken in het AZC, met voorwaarden, en wijst het meer gevorderde af.