Betrokkene kreeg een boete van €129 opgelegd wegens het negeren van een geslotenverklaring (bord C1) op een busstrook in Groningen. Hij stelde dat de overtreding plaatsvond op een wegvak waar de bebording niet duidelijk was aangegeven. De officier van justitie verklaarde het beroep ongegrond, waarna betrokkene beroep instelde bij de kantonrechter.
Tijdens de zitting op 23 april 2026 werd vastgesteld dat het C1-bord slechts geldt voor het wegvak waar het is geplaatst en niet voor het nieuwe wegvak na een zijweg. Na het kruispunt werd de busstrook niet opnieuw aangeduid met een C1-bord of het wegteken “BUS”, waardoor het voor de weggebruiker onvoldoende duidelijk was dat het om een busstrook ging.
De kantonrechter oordeelde dat de gedraging niet kon worden vastgesteld als overtreding vanwege het ontbreken van deugdelijke bebording. Het beroep werd daarom gegrond verklaard en de boete vernietigd. Betrokkene krijgt het bedrag van de zekerheidstelling terug. De uitspraak benadrukt het belang van duidelijke en herhaalde bebording bij wegvakken na zijwegen.