Uitspraak
[eiser] , uit [woonplaats] , eiser (zaaknummer 24/2447)
[eiseres] , uit [woonplaats] , eiseres (zaaknummer 24/2451),
de heffingsambtenaar van de gemeente De Fryske Marren, de heffingsambtenaar
Inleiding
1 januari 2022 (de waardepeildatum), voor het belastingjaar 2023 vastgesteld op € 132.000. Met deze waardevaststelling zijn aan eiser ook de aanslagen in de onroerendezaakbelastingen (OZB) voor het jaar 2023 opgelegd, bestaande uit een eigenaarsdeel niet-woning (€ 354) en een gebruikersdeel niet-woning (€ 266).
Feiten
- Mevrouw [eiseres] , voornoemd: kadastraal bekend gemeente Balk, Sectie [sectie] , nrs. [nummer ] . (± 0.15.00 ha) en [nummer ] , ter gezamenlijke grootte van ± 0.95.00 ha;
- Mevrouw [eiseres] en de heer [eiser] , beiden voornoemd, ieder voor de onverdeelde helft: kadastraal bekend gemeente Balk, sectie [sectie] , nrs. [nummer ] , [nummer ] en [nummer ] , ter gezamenlijke grootte van 4.42.60 ha;
Beoordeling door de rechtbank
9 april 2024 en dat het beroepschrift door de rechtbank is ontvangen op 16 mei 2024. De termijn voor het indienen van een beroepschrift bedraagt zes weken. [2] Deze termijn vangt aan met ingang van de dag na die van dagtekening van de uitspraak op bezwaar, tenzij de dag van dagtekening gelegen is vóór de dag van bekendmaking. [3] Een beroepschrift is tijdig ingediend, indien het voor het einde van de termijn is ontvangen. [4] Gelet op het voorgaande overweegt de rechtbank dat de beroepstermijn op 10 april 2024 is aangevangen. De rechtbank concludeert dat het beroepschrift binnen de termijn van zes weken is ontvangen. De beroepen zijn daarom ontvankelijk.
In uw brief van 6 februari j.l. verzocht u om aanvullend bewijs waarom ons NSW landgoed (…) voldoet aan criteria voor vrijstelling OZB. (…) Een mondeling overleg is waarschijnlijk effectiever en kan eventuele verdere bezwaar- en beroep-procedures voorkomen. (…)
artikel 8 van Pro het Rangschikkingsbesluit Natuurschoonwet 1928 (het Rangschikkingsbesluit). Het ongebouwde deel van het landgoed moet daarom buiten aanmerking worden gelaten bij de waardering in het kader van de Wet WOZ en voor de heffingsmaatstaf van de OZB en de woningen moeten daarom worden gewaardeerd op de zogenoemde bestemmingswaarde, aldus eisers.
2. De waarde wordt bepaald op de waarde die aan de onroerende zaak dient te worden toegekend, indien de volle en onbezwaarde eigendom daarvan zou kunnen worden overgedragen en de verkrijger de zaak in de staat waarin die zich bevindt, onmiddellijk en in volle omvang in gebruik zou kunnen nemen.
4. Bij ministeriële regeling kunnen regels worden gesteld ingevolge welke bij de waardebepaling buiten aanmerking wordt gelaten de waarde van onroerende zaken of onderdelen daarvan, indien die waarde geen onderdeel uitmaakt van de grondslag van de belastingen.”
1. Bij de bepaling van de waarde wordt buiten aanmerking gelaten de waarde van:
De voorwaarden, bedoeld in artikel 220d, eerste lid, onderdeel d, van de Gemeentewet, zijn:
- de onroerende zaken maken deel uit van een landgoed dat is aangewezen op grond van de NSW (voorwaarde 1), en
- het landgoed voldoet aan de voorwaarden van artikel 8 van Pro het Rangschikkingsbesluit (voorwaarde 2).
NSW-uitzondering. Hij heeft daarom niet aannemelijk gemaakt dat hij de waardes van de woningen niet op een te hoog bedrag heeft vastgesteld. Eisers stellen weliswaar dat de WOZ-waardes van de woningen vastgesteld dienen te worden aan de hand van de bestemmingswaarde, maar hebben geen concrete waardes genoemd die zij voorstaan.
Conclusie en gevolgen
€ 295.000 en de aanslagen OZB dienovereenkomstig worden verminderd. In deze zaak is van eiseres geen griffierecht geheven. Ook eiseres heeft op de zitting verklaard af te zien van een vergoeding van proceskosten.
Beslissing
€ 195.000;
mr.E.M. Antonescu, griffier.