ECLI:NL:RBNNE:2026:1308
Rechtbank Noord-Nederland
- Mondelinge uitspraak
- Rechtspraak.nl
Vernietiging boete voor vasthouden mobiel apparaat tijdens rijden wegens onvoldoende bewijs
Aan betrokkene is een boete opgelegd wegens het vasthouden van een mobiel elektronisch apparaat tijdens het rijden op 21 juni 2024. Betrokkene heeft vanaf het begin ontkend dat hij het apparaat vasthield terwijl hij reed en stelde dat hij stilstond toen hij het apparaat in de telefoonhouder plaatste.
De officier van justitie heeft geen standpunt ingenomen in het beroep van betrokkene tegen de boete. De kantonrechter heeft het beroep behandeld op 27 maart 2026, waarbij betrokkene aanwezig was en de officier van justitie niet vertegenwoordigd was.
De kantonrechter oordeelt dat de verklaring van de verbalisant in beginsel voldoende is, maar dat concrete omstandigheden die betrokkene aanvoert aanleiding geven tot twijfel. Het dossier bevat onvoldoende informatie om de gedraging vast te stellen. Daarom verklaart de kantonrechter het beroep gegrond en vernietigt de boete en de beslissing van de officier van justitie.
Betrokkene krijgt het bedrag van de zekerheidstelling terug. Tegen deze beslissing kan binnen zes weken hoger beroep worden ingesteld bij het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden via een schriftelijke procedure.
Uitkomst: De boete voor het vasthouden van een mobiel apparaat tijdens het rijden wordt vernietigd wegens onvoldoende bewijs.