Uitspraak
RECHTBANK NOORD-NEDERLAND
[betrokkene],
Beslissing
- veroordeelt de officier van justitie in de kosten van de procedure, aan de zijde van de betrokkene vastgesteld op € 1.230,50.
Rechtbank Noord-Nederland
Betrokkene werd op 13 september 2022 beboet voor het vasthouden van een mobiel elektronisch apparaat tijdens het fietsen. De opgelegde sanctie bedroeg €149 inclusief administratiekosten. Betrokkene betwistte de gedraging, maar de verklaring van de verbalisant werd als voldoende bewijs geaccepteerd.
Betrokkene stelde dat haar was toegezegd dat de sanctie €90 zou bedragen, een beroep op het vertrouwensbeginsel. De officier van justitie verzocht om een aanvullend proces-verbaal hierover, maar dit werd niet ingediend. De kantonrechter oordeelde dat betrokkene gerechtvaardigd mocht vertrouwen op de toezegging van €90 sanctie, waardoor het vertrouwensbeginsel werd geschonden.
Daarnaast werd vastgesteld dat de redelijke termijn van berechting van twee jaar was overschreden, wat leidt tot matiging van de sanctie met 25%. Hierdoor werd de sanctie verminderd naar €76,50 inclusief administratiekosten. Tevens werd de officier van justitie veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten van €1.230,50. Het teveel betaalde aan zekerheidstelling wordt gerestitueerd.
Uitkomst: De sanctie voor het vasthouden van een mobiel tijdens het fietsen is gematigd tot €76,50 inclusief administratiekosten wegens schending van het vertrouwensbeginsel en overschrijding van de redelijke termijn.