ECLI:NL:RBNNE:2025:3685
Rechtbank Noord-Nederland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep niet-ontvankelijk wegens gebrek aan procesbelang na vertrek vreemdeling
Eiser, een vreemdeling van Marokkaanse nationaliteit, diende op 1 juni 2025 een aanvraag in voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd. De minister wees deze aanvraag bij besluit van 9 juli 2025 af als kennelijk ongegrond. Eiser stelde beroep in tegen dit besluit en verzocht om een voorlopige voorziening die uitzetting zou verbieden totdat op het beroep was beslist.
De rechtbank behandelde het beroep en het verzoek om voorlopige voorziening op 2 september 2025, maar partijen waren afwezig. De rechtbank stelde ambtshalve de vraag of eiser nog procesbelang had bij het beroep, aangezien de minister had meegedeeld dat eiser op 29 juli 2025 met onbekende bestemming was vertrokken. Bovendien gaf de gemachtigde op 1 september 2025 aan geen contact meer met eiser te hebben.
De rechtbank oordeelde dat het vertrek zonder bekendmaking van verblijfplaats impliceert dat eiser geen prijs meer stelt op de bescherming die hij aanvankelijk zocht. Hierdoor ontbrak het aan een rechtens te beschermen belang bij de beoordeling van het beroep. Daarom verklaarde de rechtbank het beroep niet-ontvankelijk en wees het verzoek om voorlopige voorziening af. Eiser kreeg geen proceskostenvergoeding.
Uitkomst: Het beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens gebrek aan procesbelang en het verzoek om voorlopige voorziening wordt afgewezen.