ECLI:NL:RBNNE:2025:1783
Rechtbank Noord-Nederland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- J.M. Oude Lohuis
- Rechtspraak.nl
Echtscheiding uitgesproken tussen partijen gehuwd te Pakistan met afwijzing partneralimentatie
De vrouw en de man, gehuwd in Pakistan in 2018, verzochten de rechtbank Noord-Nederland om hun huwelijk te ontbinden wegens duurzame ontwrichting. De rechtbank stelde vast dat zij rechtsmacht heeft omdat partijen hun gewone verblijfplaats in Nederland hadden ten tijde van het verzoek. Het huwelijk werd erkend als rechtsgeldig volgens het islamitische recht, ondanks dat partijen neef en nicht zijn, en er was geen bewijs van dwang bij het aangaan van het huwelijk.
De vrouw verzocht tevens om partneralimentatie van € 2.500 per maand. De man voerde verweer en betwistte aanvankelijk de lotsverbondenheid, maar trok dit standpunt in tijdens de zitting. De rechtbank oordeelde dat de onderhoudsplicht wel bestaat vanwege het huwelijk, ook al hebben partijen nooit samengeleefd of elkaar financieel ondersteund.
De rechtbank beoordeelde vervolgens de behoefte van de vrouw en de draagkracht van de man. De vrouw stelde haar behoefte niet voldoende vast, noch onderbouwde zij haar draagkrachtberekening. Zij woonde tijdens het huwelijk bij haar ouders in Pakistan en ontving sinds november 2023 een COA-uitkering in Nederland, waarvan de hoogte niet met stukken was onderbouwd. De rechtbank achtte de behoefte van de vrouw gelijk aan de COA-uitkering en vond geen aanleiding om partneralimentatie toe te kennen.
Daarom wees de rechtbank het verzoek tot partneralimentatie af en sprak zij de echtscheiding uit. Tegen deze beschikking kan hoger beroep worden ingesteld bij het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden.
Uitkomst: De rechtbank spreekt de echtscheiding uit en wijst het verzoek tot partneralimentatie af wegens onvoldoende onderbouwing van behoefte en draagkracht.