ECLI:NL:RBNNE:2023:4888
Rechtbank Noord-Nederland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling ongeldigverklaring rijbewijs na onvoldoende rijtesten wegens rijgeschiktheid
Eiser werd door de politie gemeld vanwege slingeren en langzaam rijden, waarna het CBR besloot zijn rijgeschiktheid nader te onderzoeken met een medisch onderzoek en twee rijtesten. Beide rijtesten werden als onvoldoende beoordeeld, wat leidde tot de ongeldigverklaring van zijn rijbewijs.
Eiser voerde aan dat hij de rijtesten goed had afgelegd en dat de aanleiding voor het onderzoek niet correct was, en stelde dat het CBR de hoorplicht had geschonden. De rechtbank oordeelde dat het besluit tot onderzoek rechtens vaststaat en dat de rijtesten zorgvuldig en volgens protocol zijn uitgevoerd door een deskundige. De bevindingen van de deskundige rechtvaardigen het vermoeden dat eiser niet rijgeschikt was.
De rechtbank stelde vast dat het CBR voldoende pogingen had gedaan om eiser te horen en dat er geen schending van de hoorplicht was. Ook het feit dat eiser later weer rijgeschikt werd verklaard, doet niets af aan de rechtmatigheid van het eerdere besluit. Het beroep wordt daarom ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep van eiser tegen de ongeldigverklaring van zijn rijbewijs wordt ongegrond verklaard.