ECLI:NL:RBNNE:2022:3514
Rechtbank Noord-Nederland
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing asielaanvraag wegens betrokkenheid bij ernstige mensenrechtenschendingen in Uganda
Eiser, van Ugandese nationaliteit, diende van 1993 tot 2008 in het Ugandese leger en was betrokken bij operaties tegen het Lord’s Resistance Army. Verweerder wees zijn asielaanvraag af op grond van artikel 1F van het Vluchtelingenverdrag vanwege zijn vermeende betrokkenheid bij ernstige misdrijven zoals marteling en mishandeling.
De rechtbank oordeelt dat eiser bewust heeft deelgenomen aan handelingen die de misdrijven mogelijk maakten, waaronder het gevangen nemen van personen die later werden gemarteld. Zijn verklaring dat hij bij de medische compagnie diende en niet betrokken was bij gevechtsacties wordt niet geloofd. Verweer dat hij onder dwang handelde wordt verworpen.
Ook wordt geoordeeld dat eiser geen reëel risico loopt op ernstige schade bij terugkeer naar Uganda, mede omdat zijn desertie niet aannemelijk is en medische behandeling in Uganda beschikbaar is. Het opleggen van het inreisverbod wordt als proportioneel beschouwd.
Het beroep wordt ongegrond verklaard en de afwijzing van de verblijfsvergunning en het inreisverbod blijven in stand.
Uitkomst: Het beroep wordt ongegrond verklaard en het bestreden besluit tot afwijzing van de asielaanvraag en oplegging van het inreisverbod blijft in stand.