ECLI:NL:RBNNE:2022:3130
Rechtbank Noord-Nederland
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid beroep wegens ontbreken schriftelijke machtiging in WOZ-zaak
Bij besluit van 28 februari 2018 stelde de belastingambtenaar de WOZ-waarde van een onroerende zaak vast. Tegen de uitspraak op bezwaar werd beroep ingesteld door Bartels Consultancy B.V., die namens eiseres zou optreden. De rechtbank heeft herhaaldelijk verzocht om een geldige schriftelijke machtiging en een uittreksel van de Kamer van Koophandel, waaruit blijkt dat Bartels gemachtigd is om namens eiseres beroep in te stellen.
Ondanks meerdere verzoeken heeft Bartels geen toereikende machtiging kunnen overleggen. De overgelegde machtiging betrof een andere rechtspersoon en niet eiseres, en er ontbraken bewijsstukken die de bevoegdheid van Bartels bevestigen. De rechtbank overweegt dat het ontbreken van een geldige machtiging een gebrek is dat niet hersteld is binnen de gestelde termijn.
Daarom verklaart de rechtbank het beroep niet-ontvankelijk op grond van artikel 6:6 Awb Pro. Tevens wijst de rechtbank het verzoek om immateriële schadevergoeding wegens overschrijding van de redelijke termijn af, omdat het beroep niet-ontvankelijk is en er geen sprake is van spanning of frustratie bij degene die het beroep instelde.
Een proceskostenveroordeling wordt niet toegewezen. Tegen deze uitspraak staat hoger beroep open bij het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden binnen zes weken na verzending van de uitspraak.
Uitkomst: Het beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens het ontbreken van een geldige schriftelijke machtiging en het verzoek om immateriële schadevergoeding wordt afgewezen.