De zaak betreft een verzoek van een werknemer die in de uitoefening van haar werkzaamheden slachtoffer werd van mishandeling door een patiënt, waarbij zij letsel opliep. De werknemer stelde de werkgever en diens verzekeraar aansprakelijk voor de schade en vorderde een verklaring van secundaire victimisatie door onrechtmatige schadeafwikkeling.
De rechtbank analyseerde de langdurige en stroperige schaderegeling door Nationale Nederlanden (NN), waarbij meerdere belangenbehartigers werden gewisseld en de verzekeraar onvoldoende voortvarend handelde. Ondanks erkenning van aansprakelijkheid en het doen van voorschotten, bleef de communicatie en afhandeling traag en gebrekkig, wat de psychische klachten van de werknemer verergerde.
De rechtbank stelde vast dat NN tekort was geschoten in haar verplichtingen, onder meer door onvoldoende financiële bijdragen aan re-integratie en het heroverwegen van eerder gemaakte afspraken. De psycholoog van de werknemer bevestigde de impact van deze handelwijze op haar psychische gezondheid.
Op grond hiervan werd vastgesteld dat sprake is van secundaire victimisatie door onrechtmatige schadeafwikkeling waarvoor de werkgever aansprakelijk is. De rechtbank kende een voorschot van €5.000 toe en veroordeelde NN tot vergoeding van de proceskosten van €8.264,00.