Uitspraak
RECHTBANK NOORD-NEDERLAND
1.De procedure
- het tussenvonnis van 4 augustus 2021;
- de conclusie na cassatieberoep van de RUG;
- de conclusie na cassatieberoep van [verweerder in reconventie].
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Rechtbank Noord-Nederland
In deze civiele zaak stond de vraag centraal of de Rijksuniversiteit Groningen (RUG) verplicht was om opnieuw met de wederpartij in onderhandeling te treden over de verkoop van een strook grond en of zij deze strook moest aanbieden voordat zij deze aan een derde verkocht.
De rechtbank stelde vast dat de onderhandelingsplicht van de RUG jegens de wederpartij al eerder onderwerp van geschil was geweest en dat de RUG daaraan had voldaan. De onderhandelingen in 2016 hadden niet geleid tot overeenstemming, waarna de RUG de onderhandelingen beëindigde. Het arrest van de Hoge Raad bevestigde dat op de RUG geen aanbiedingsplicht rust.
De rechtbank verklaarde voor recht dat de RUG niet verplicht is opnieuw te onderhandelen of de strook grond aan de wederpartij aan te bieden. Tevens werd de wederpartij veroordeeld tot betaling van de kosten voor het inmeten en bepalen van de kadastrale grens en tot vergoeding van proceskosten en nakosten. Het meer of anders gevorderde werd afgewezen.
Uitkomst: De rechtbank verklaart dat de RUG niet verplicht is opnieuw te onderhandelen of de strook grond aan te bieden en veroordeelt de wederpartij tot betaling van kosten en proceskosten.