ECLI:NL:RBNNE:2021:4857
Rechtbank Noord-Nederland
- Op tegenspraak
- Rechtspraak.nl
Afwijzing vergoeding kosten rechtsbijstand na gedeeltelijke veroordeling in strafzaak
Verzoekster vorderde vergoeding van de kosten van rechtsbijstand op grond van artikel 530 Sv Pro na een strafzaak waarin zij deels werd vrijgesproken en deels veroordeeld voor het voorhanden hebben van een busje pepperspray. De rechtbank overwoog dat de term 'zaak' in artikel 530 Sv Pro betrekking heeft op het gehele rechtsgeding zoals bepaald in de dagvaarding. Omdat verzoekster voor één van de feiten werd veroordeeld, is de zaak niet geëindigd zonder oplegging van straf of maatregel.
De rechtbank verwees naar de jurisprudentie van de Hoge Raad waarin wordt benadrukt dat cumulatief aan de rechter voorgelegde feiten gezamenlijk de zaak vormen en dat de zaak pas eindigt bij onherroepelijke einduitspraak over alle feiten. De rechtbank verwierp het beroep van verzoekster op een redelijke uitleg van artikel 530 Sv Pro en de vergelijking met een eerdere uitspraak waarin een andere situatie speelde.
De rechtbank concludeerde dat ondanks de onbillijkheid die deze uitleg kan veroorzaken, de wetssystematiek niet doorbroken kan worden. Daarom is het verzoek tot vergoeding van de kosten van rechtsbijstand afgewezen.
Uitkomst: Verzoek tot vergoeding van kosten rechtsbijstand wordt afgewezen omdat de strafzaak niet zonder oplegging van straf of maatregel is geëindigd.