ECLI:NL:RBNNE:2021:4659
Rechtbank Noord-Nederland
- Op tegenspraak
- Rechtspraak.nl
Ontneming wederrechtelijk verkregen voordeel vastgesteld op nihil na diefstalveroordeling
De rechtbank Noord-Nederland behandelde op 19 oktober 2021 een vordering van de officier van justitie tot ontneming van wederrechtelijk verkregen voordeel in een zaak waarin veroordeelde was veroordeeld voor meerdere diefstallen.
De officier van justitie had aanvankelijk een bedrag van €3.254,25 gevorderd als ontnemingsbedrag. Tijdens de zitting verklaarde veroordeelde dat hij ongeveer €1.000 had verdiend met de verkoop van gestolen goederen. De rechtbank achtte dit bedrag aannemelijk.
Bij het strafvonnis was tevens een schadevergoedingsmaatregel toegekend aan de benadeelde partij Intertoys Heerhugowaard ter hoogte van €1.569,90, welke nog niet was voldaan maar waarvan betaling was toegezegd. Gezien deze omstandigheden en de persoonlijke situatie van veroordeelde besloot de rechtbank het wederrechtelijk verkregen voordeel op nihil vast te stellen en geen betalingsverplichting aan de Staat op te leggen.
De beslissing is genomen op basis van artikel 36e van het Wetboek van Strafrecht en houdt rekening met de reeds toegekende schadevergoeding aan de benadeelde partij.
Uitkomst: Het wederrechtelijk verkregen voordeel wordt vastgesteld op nihil en er wordt geen betalingsverplichting aan de Staat opgelegd.