ECLI:NL:RBNNE:2018:4439
Rechtbank Noord-Nederland
- Op tegenspraak
- Rechtspraak.nl
Afwijzing wrakingsverzoek rechter wegens gebrek aan onpartijdigheid
Verzoekster heeft bij de rechtbank Noord-Nederland een wrakingsverzoek ingediend tegen mr. K. Wentholt, rechter in haar bestuursrechtelijke zaken, wegens vermeende partijdigheid en ongeschiktheid. Zij stelde dat mr. Wentholt onprofessioneel handelde, fouten van het UWV afdekte, bewijsstukken uit het dossier verwijderde en haar het recht op een advocaat ontnam.
De wrakingskamer, bestaande uit mr. M.A.B. Faber-Siermann (voorzitter), mrs. J.E. Wichers en S. Zwarts, heeft het verzoek op 11 oktober 2018 behandeld. Mr. Wentholt was niet aanwezig, verzoekster wel. De rechtbank heeft het verzoek beoordeeld aan de hand van artikel 8:15 Awb Pro en artikel 6 EVRM Pro, waarbij een rechter wordt vermoed onpartijdig te zijn tenzij uitzonderlijke omstandigheden het tegendeel aantonen.
De rechtbank oordeelde dat verzoekster geen feiten of omstandigheden had aangevoerd die een objectief gerechtvaardigde vrees voor partijdigheid rechtvaardigen. De vermeende fouten betroffen het functioneren van de griffie en niet van de rechter. Ook het plannen van een zitting op haar verjaardag en het intrekken van zaken zonder griffierecht waren onvoldoende voor wraking. De stellingen over het verwijderen van bewijs en het ontnemen van recht op advocaat waren niet feitelijk onderbouwd.
Daarom werd het wrakingsverzoek ongegrond verklaard. Tevens bepaalde de rechtbank dat een volgend verzoek tot wraking van mr. Wentholt op dezelfde gronden niet in behandeling zal worden genomen, om misbruik van recht te voorkomen. De hoofdzaken worden voortgezet zoals zij waren ten tijde van het wrakingsverzoek.
Uitkomst: Het wrakingsverzoek tegen mr. Wentholt is afgewezen en een volgend gelijksoortig verzoek wordt niet in behandeling genomen.