Uitspraak
RECHTBANK NOORD-NEDERLAND
Stichting JP Van den Bent,
1.Het procesverloop
2.De feiten
Wat wordt er tijdens dit traject verwacht(de kantonrechter leest: van [verzoeker] )
:
Rechtbank Noord-Nederland
De zaak betreft een verzoek tot vernietiging van het ontslag op staande voet door [verzoeker], werknemer bij de stichting, die tevens een tegenverzoek tot ontbinding van de arbeidsovereenkomst door de stichting betreft.
[Verzoeker] werd op staande voet ontslagen wegens vermeend bedrog en het niet openlijk communiceren over zijn activiteiten bij een andere werkgever tijdens ziekte. De stichting stelde dat hij tijdens ziekte toch werkte bij een andere instelling en daarmee zijn plichten grovelijk had veronachtzaamd. De kantonrechter oordeelde dat het ontslag onverwijld was gegeven maar dat er geen dringende reden was voor ontslag op staande voet, mede omdat [verzoeker] openheid en eerlijkheid had beloofd en de stichting een nieuwe start wilde maken.
De arbeidsovereenkomst bleef daarom voortduren en de stichting werd veroordeeld tot loondoorbetaling vanaf 17 februari 2017. De kantonrechter ontbond vervolgens de arbeidsovereenkomst per 1 juli 2017 wegens een verstoorde arbeidsverhouding door het vertrouwen dat was beschaamd. Er werd geen billijke vergoeding toegekend omdat de stichting onvoldoende had onderbouwd dat sprake was van ernstig verwijtbaar handelen van de werknemer. [Verzoeker] heeft recht op een transitievergoeding, maar hieromtrent werd geen beslissing genomen omdat geen verzoek was ingediend.
De proceskosten werden ieder voor eigen rekening genomen en het verzoek tot voorlopige voorziening tot wedertewerkstelling werd afgewezen.
Uitkomst: Het ontslag op staande voet wordt vernietigd en de arbeidsovereenkomst ontbonden per 1 juli 2017 met recht op transitievergoeding.