ECLI:NL:RBNNE:2014:4601
Rechtbank Noord-Nederland
- Op tegenspraak
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak wegens onvoldoende steunbewijs bij beschuldigingen seksueel misbruik stiefdochter en dochter
De rechtbank Noord-Nederland behandelde op 22 september 2014 de zaak tegen verdachte die werd beschuldigd van meervoudig seksueel misbruik van zijn stiefdochter en dochter in de periode 1995 tot 2009.
De officier van justitie baseerde de tenlastelegging op de aangifte van de stiefdochter en de getuigenverklaring van de dochter, die elkaar in grote lijnen ondersteunden. De verdediging voerde aan dat er sprake was van onvoldoende bewijs, mede omdat de verklaringen van de slachtoffers onderling beïnvloed konden zijn en er geen aanvullend steunbewijs aanwezig was.
De rechtbank oordeelde dat hoewel de verklaringen van de slachtoffers betrouwbaar waren, deze onvoldoende steun vonden in ander bewijs. Er waren geen directe getuigen of forensisch bewijs en verklaringen van derden boden geen steunbewijs. Ook de ontkenning van verdachte bood geen aanknopingspunten.
Gezien het ontbreken van voldoende steunbewijs werd verdachte vrijgesproken van alle ten laste gelegde feiten. De vordering van de benadeelde partij tot schadevergoeding werd niet-ontvankelijk verklaard en verwezen naar de burgerlijke rechter.
Uitkomst: Verdachte wordt vrijgesproken wegens onvoldoende steunbewijs bij de beschuldigingen van seksueel misbruik.