ECLI:NL:RBNNE:2014:4464
Rechtbank Noord-Nederland
- Op tegenspraak
- Rechtspraak.nl
Bezwaarschrift tegen omzetting taakstraf in jeugddetentie gegrond verklaard ondanks termijnoverschrijding
Veroordeelde werd op 14 maart 2012 door de kinderrechter veroordeeld tot een werkstraf van 80 uren, subsidiair 40 dagen jeugddetentie. Na het niet uitvoeren van de taakstraf werd op 19 juni 2012 een kennisgeving van omzetting in vervangende jeugddetentie betekend, terwijl veroordeelde toen gedetineerd was. Het bezwaarschrift tegen deze omzetting werd pas op 14 maart 2014 ingediend, na overschrijding van de wettelijke termijn van 14 dagen.
De kinderrechter oordeelde dat de termijnoverschrijding verschoonbaar was vanwege de detentie en het beperkte cognitieve vermogen van veroordeelde. Tijdens de zitting bleek dat het Openbaar Ministerie had toegezegd de jeugddetentie niet uit te voeren als het bezwaarschrift werd ingediend, maar desondanks was veroordeelde aangehouden en was de jeugddetentie uitgevoerd.
De kinderrechter benadrukte dat het OM bevoegd is om zonder rechterlijke tussenkomst een taakstraf om te zetten in jeugddetentie, maar achtte het wenselijk dat bij minderjarigen de bezwaarschriftprocedure wordt afgewacht. Gezien de positieve gedragsverandering van veroordeelde sinds de kennisgeving, vond de rechter dat veroordeelde alsnog de taakstraf had moeten kunnen uitvoeren. Het bezwaarschrift werd daarom gegrond verklaard, maar de reeds uitgevoerde jeugddetentie maakt verdere taakstraf overbodig.
Uitkomst: Het bezwaarschrift tegen de omzetting van de taakstraf in jeugddetentie wordt gegrond verklaard ondanks termijnoverschrijding, waardoor de taakstraf niet meer hoeft te worden uitgevoerd.