Uitspraak
RECHTBANK NOORD-HOLLAND
1.Tenlastelegging
2.Voorvragen
3.Beoordeling van het bewijs
- de bekennende verklaring van de verdachte ter terechtzitting van 17 april 2026 afgelegd;
- een proces-verbaal van aangifte namens de Albert Heijn van 29 januari 2026 (dossierpagina 31 t/m 33).
4.Kwalificatie en strafbaarheid van het feit
5.Strafbaarheid van de verdachte
6.Motivering van de sanctie
omdat de reclassering geen onderzoek heeft gedaan naar de mogelijkheid van het opleggen van bijzondere voorwaarden of vanwege gebrek aan onderzoek naar een mogelijke verblijfplaats bij vader of een andere (externe) overbruggingsplek totdat de verdachte klinisch kan worden opgenomen’. De rechtbank ziet geen mogelijkheden om behandeling en begeleiding aan de verdachte te laten plaatsvinden binnen een voorwaardelijk kader. Gelet op dat oordeel behoeft het voorwaardelijk verzoek tot aanhouding van de zaak geen verdere bespreking.