Uitspraak
Rechtbank noord-holland
uitspraak van de meervoudige kamer van 15 april 2026 in de zaak tussen
[belanghebbende] B.V., gevestigd te [vestigingsplaats] , belanghebbende,
de inspecteur van de Belastingdienst Grote Ondernemingen te Utrecht, verweerder
Procesverloop
Overwegingen
at arms’ length. De rechtbank stelt vast dat verweerder het bewijsrisico draagt van zijn stelling dat sprake is van een onzakelijke overeenkomst, en dat verweerder zijn stelling niet voldoende met feiten en omstandigheden heeft onderbouwd. Daarnaast stelt de rechtbank vast dat het waarderingssysteem in neutrale bewoordingen is gesteld; afhankelijk van de koersontwikkeling zal het systeem in het ene jaar een valutaverlies kunnen laten zien, en in het andere jaar een -winst. Dat belanghebbende zich door het waarderingssysteem structureel winst laat ontgaan, is niet aannemelijk geworden.