Uitspraak
RECHTBANK Noord-Holland
1.De procedure
- de conclusie van antwoord in conventie en van eis in reconventie met producties 1 tot en met 41,
overlegging (herziene) producties 79 & 88” van Anton,
overlegging (herziene) producties 48, 51 en 57” van De Geus Bouw,
2.De feiten
3.Het geschil
- € 604.796,- wegens veranderingen in het ontwerp;
- € 72.262,- wegens diverse meerwerkposten;
- € 17.499,99 wegens de door De Geus Bouw erkende meerwerkposten MMW 31 en MMW51;
- € 85.912,- wegens conform de aanneemovereenkomst overeengekomen verrekenbare hoeveelheden;
- € 197.674,- wegens (onvoorziene) prijsstijgingen door de grondstoffen- en energiecrisis als gevolg van de oorlog in Oekraïne;
- € 187.264,40 wegens restanttermijnen van de oorspronkelijke aanneemsom;
- € 6.775,- wegens buitengerechtelijke incassokosten.
4.De beoordeling
goede grond” niet afleiden uit wat Anton heeft aangevoerd. Dat De Geus Bouw op 30 januari 2023 zonder voorbehoud heeft toegezegd als uitgangspunt te accepteren dat zij aanvullend € 650.000,- zal betalen, heeft Anton, gelet op de gemotiveerde betwisting van die toezegging door De Geus, onvoldoende onderbouwd. Ervan uitgaande dat De Geus Bouw op 30 dan wel 31 januari 2023 wel bereid was een bedrag van € 468.882,- als uitgangspunt te nemen, zoals Anton betoogt, blijkt niet waarom dat voor Anton goede grond gaf te vrezen dat De Geus Bouw haar betalingsverplichtingen uit de aanneemovereenkomst niet of niet volledig zou nakomen. Er was op dat moment dus voor Anton geen goede grond op om haar werkzaamheden opnieuw op te schorten. Weliswaar pretendeerde Anton op dat moment een hogere (aanvullende) vordering te hebben dan het bedrag dat De Geus Bouw als uitgangspunt nam, maar hierna zal blijken dat Anton daarop geen recht had en heeft.
Alles is conform bestek (en bijbehorende bijlagen) aangeboden, hierdoor is meerwerk niet mogelijk behoudens veranderingen in het ontwerp opgedragen door directievoerder c.q. opdrachtgever” en “
Alles conform besteknummer 18-1 082, d.d. 30-06-2021 met bijbehorende tekeningen en bijlagen uitvoeren.”
leveren en aanbrengen trekbandwapening breedplaatvoeren t/m dakvloer”. Volgens Anton heeft PBT als hoofdconstructeur samen met de leverancier van de breedplaatvloer, De Hoop Pekso (DHP), in de uitvoeringsfase aanmerkelijk meer trekbanden aangewezen dan op basis van het oorspronkelijke ontwerp kon worden verwacht. Anton heeft haar offerte gebaseerd op onder andere de uitgangspunten uit de begroting van De Geus Bouw en de offerte van DHP van 7 oktober 2021. Gedurende de onderhandelingen en ook na de start van de bouwwerkzaamheden is gebleken dat door de voornoemde veranderingen in het ontwerp veel meer trekbandwapening nodig was dan verwacht. De kosten voor het leveren en aanbrengen van de trekbandwapening bedragen in totaal € 269.027,33.
Langere doorhuur ondersteuning t.g.v. het door PBT opgestelde ontstempelprotocol”. Volgens Anton hangt de verantwoordelijkheid voor het stempelplan samen met de constructie en ligt deze bij de opdrachtgever (De Geus Bouw) en haar constructeur-ingenieur (PBT). In de mail van De Geus Bouw van 3 februari 2021 bevestigt De Geus Bouw dat PBT het stempelplan zou uitwerken en goedkeuren. Anton is verantwoordelijk voor het leveren en plaatsen van de stempels. Anton is er in haar begroting van uitgegaan dat er een volledig uitgewerkt stempelplan en ontstempelplan zou worden aangeleverd. PBT zou het stempelplan moeten aanleveren, maar heeft dit niet gedaan. Voor het verwijderen van de ondersteuning heeft PBT uiteindelijk een vuistregel toegepast, de 3,2,1-methode in plaats van een precieze doorrekening per stempel. De vuistregel is een veilig uitgangspunt, waarbij de stempels zo lang blijven staan als minimaal nodig is gelet op de voortgang van de bouw. Anton heeft tijdens de werkzaamheden herhaaldelijk bij De Geus Bouw aangegeven dat een stempelplan ontbreekt en dat de uiteindelijke door PBT gehanteerde vuistregel conservatief is en tot meer kosten leidt. Uit de begroting blijkt dat De Geus Bouw de kosten voor ondersteuning heeft opgenomen voor circa € 150.000,-. Anton heeft in haar offerte de kosten voor ondersteuning begroot op circa € 280.000, uiteindelijk heeft de ondersteuning in totaal circa € 450.000,- gekost, dus € 145.000,- meer dan begroot.
Natte stroken balkbodems en breedplaten bekisten”. Anton legt aan deze post ten grondslag dat De Geus Bouw op 9 november 2021 tekeningen heeft aangeleverd waarin de details van de breedplaatvloeren, de holle balkbodems en de stortstroken slechts als grof principe zijn weergegeven. De details van de breedplaatvloeren zijn pas gedurende het werk aangeleverd. PBT heeft, als hoofdconstructeur, samen met de breedplaatvloer leverancier DHP, in de uitvoeringsfase aanmerkelijk meer stortstroken aangewezen dan op basis van het oorspronkelijke ontwerp kon worden verwacht. In plaats van de breedplaatvloeren tegen elkaar aan te leggen, zoals gebruikelijk, heeft PBT tussen de breedplaatvloeren een opening van 100 mm ingetekend die met natte stroken beton moest worden opgevuld. Dit heeft tot een verhoging van de aanneemsom geleid van € 70.509,95.
Herstel penanten begane grond + 1e verdieping”. Volgens Anton bleek gedurende de werkzaamheden dat door het unieke ontwerp van PBT het hoofdontwerp ook moest worden aangepast ten aanzien van een aantal penanten. Tijdens het werk is gebleken dat het constructief noodzakelijk was om een aantal reeds geplaatste penanten alsnog dragend uit te voeren. De kosten van deze ontwerpwijziging bedroegen € 40.632,66.
De Geus Bouw op eigen kosten de productie van de nog niet geplaatste penanten heeft aangepast”, lijkt De Geus Bouw echter een deel van de geclaimde post te betwisten. Niet duidelijk is echter welk deel. Aan dat verweer van De Geus Bouw gaat de rechtbank dan ook voorbij. Dit betekent dat De Geus Bouw het gehele bedrag van € 40.632,66 aan Anton verschuldigd was. De Geus Bouw stelt echter dat zij deze post al heeft betaald. Anton betwist dat. Het lag daarom op de weg van De Geus Bouw om inzichtelijk te maken dat zij deze post daadwerkelijk heeft betaald. Dat kon eenvoudig door het overleggen van een betalingsbewijs, maar dat heeft zij niet gedaan. De Geus Bouw heeft haar (bevrijdende) verweer daarom onvoldoende onderbouwd.
aanpassingen prefab kern na UO – sparingen”. Volgens Anton zijn in het VO geen installaties ontworpen in de liftkern, maar slechts constructieve sparingen in de wanden. Na het verstrekken van de werktekeningen van de prefab kernwanden is de vraag gekomen om installaties in de wanden te storten. Het betrof ronde doorvoeren en elektravoorzieningen. Het ontwerp is daarop aangepast. In het werkoverleg van 2 februari 2022 heeft Anton meegedeeld dat er sparingen en instortleidingen in de IPC-modellen zijn aangegeven en dat deze in de vormtekeningen moeten worden toegevoegd. Deze wijziging in het ontwerp heeft geleid tot meer manuren en materiaalkosten dan begroot.
Stellen en instorten t.b.s. gestelde ankerrails t.b.v. prefab werk”. Volgens Anton is zij in haar begroting uitgegaan van penanten en lateien die onder de vloer hangen en op de vloer staan. De vloer zou in dat geval traditioneel bekist worden. Het instorten van de ankerrails was ten tijde van de aanbesteding niet bekend en/of opgedragen. Na aanbesteding is tijdens de voorbereiding van de werkzaamheden in gezamenlijk overleg besloten om de prefab-penanten en lateien hoger uit te voeren zodat dit ook gelijk diende als randbekisting. Na het aanleveren van de ontwerptekeningen heeft De Geus Bouw aangegeven dat de ankerrails in de prefab-elementen dienen te worden gestort. Deze aanpassing heeft geleid tot extra manuren en meer materiaalkosten.
Stagnatie werkzaamheden t.g.v. wapening verdikte strook 9”. Volgens Anton hebben tijdens het uitvoeren van de werkzaamheden verschillende problemen gespeeld rondom de kwaliteit van de bij Anton aangeleverde tekeningen. De tekeningen waren onvolledig of sloten niet aan op andere detailtekeningen. Anton heeft meermaals bij De Geus Bouw gemeld dat de kwaliteit van de tekeningen niet voldeed aan de eisen die daaraan mochten worden gesteld, met als consequentie dat de uitvoering van de werkzaamheden stagneerde. In de mail van Anton van 28 juli 2022 kaartte Anton opnieuw aan dat er problemen en onvolkomenheden in de tekeningen zitten en dat dit leidt tot stagnatie van de werkzaamheden. Door de genoemde onvolkomenheden in de tekeningen hebben onder andere de vlechters vertraging in hun werk opgelopen en extra manuren moeten maken.
Extra uitkisten i.v.m. ontbrekende delen breedplaten”. Volgens Anton heeft de leverancier van de breedplaten, DHP, tijdens het werk breedplaten geleverd die niet correct zijn geproduceerd. De Geus Bouw heeft op 26 april 2022 deze constatering zelf bij DHP gemeld. Anton heeft in dat kader de breedplaten extra moeten uitkisten. Dat is besproken tijdens het werkoverleg van 11 mei 2022. De kosten voor die extra werkzaamheden, bestaande uit manuren en materiaalkosten, bedragen € 7.196,41.
Sparingen in kelderwand ter plaatse van koekoeken”. Volgens Anton behoorde tot haar opdracht het stellen en storten van sparingen in de kelderwanden ter plaatse van de koekoeken. De Geus Bouw zou de sparingen aanleveren, maar heeft dit niet gedaan. Om de werkzaamheden niet te stagneren heeft Anton in opdracht van De Geus Bouw zelf de sparingen gefabriceerd en uitgekist. Anton heeft in de mail van 12 mei 2022 meegedeeld dat deze werkzaamheden niet tot haar opdracht behoren en dat deze extra kosten voor rekening van De Geus Bouw komen.
Aanpassingen prefab kern na UO-vorm”. Volgens Anton heeft de architect tijdens de werkzaamheden de vorm van de prefab kern aangepast. De latei van de liftkern moest in hoogte worden aangepast, waardoor er een constructieve aanpassing moest plaatsvinden op basis van het nieuwe ontwerp. Door deze wijziging in het uitvoeringsontwerp heeft Anton meer manuren moeten maken.
een paar uurdetailconstructeur en detailtekenaar van Anton juist.
prijsvastclausule” in de aanneemovereenkomst gelet op die onvoorziene kostenstijging geen stand houden. Hierbij beroept zij zich kennelijk op art. 6:258 BW Pro.
Indien de aannemer van oordeel is dat kostenverhogende omstandigheden zijn ingetreden, dient hij de opdrachtgever hiervan zo spoedig mogelijk schriftelijk of elektronisch op de hoogte te stellen. Vervolgens zullen partijen op korte termijn overleg plegen omtrent de vraag of kostenverhogende omstandigheden zijn ingetreden en zo ja, in hoeverre de kostenverhoging naar redelijkheid en billijkheid zal worden vergoed.” Anton heeft dit nagelaten. Bovendien heeft Anton eerder nog aangegeven dat sprake zou zijn van prijsstijgingen ter hoogte van € 173.160,27, waarbij Anton per e-mail van 11 januari 2023 heeft erkend dat De Geus Bouw daarop € 40.000,- voldaan heeft. Daarmee zou nog een post van hooguit een bedrag ad € 133.160,27 kunnen resteren.
- € 269.027,33 wegens post MW 64 (r.o. 4.6.3);
- € 40.632,66 wegens post MW 65 (r.o. 4.9.3);
- € 7.196,41 wegens post MW 55 (r.o. 4.13.3);
- € 6.125,00 wegens post MW 70 (r.o. 4.14.3);
- € 1.593,96 wegens post MW 16 (r.o. 4.16.3):
- € 17.500,00 wegens posten MW 31 en MW 51 (r.o. 4.17.3);
- € 85.912,00 wegens verrekenbare hoeveelheden aanneemovereenkomst (r.o. 4.18.3);
- € 187.264,40 wegens restant oorspronkelijke aanneemsom (r.o. 4.20.3).