Uitspraak
1.STICHTING BEWARING DPF,
2.
STICHTING BEWARING 24 WEST,
1.[gedaagde 1],
2.
[gedaagde 2],
1.De procedure
- de mondelinge behandeling van 26 juni 2025, waarvan door de griffier aantekeningen zijn gemaakt
2.De feiten
€ 7.725,32.
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Rechtbank Noord-Holland
De zaak betreft een kort geding tussen Stichting Bewaring DPF c.s. als verhuurder en [gedaagden] als huurders van een woning en een garagebox. De huurders hebben een aanzienlijke betalingsachterstand opgebouwd, inclusief hoge servicekostenafrekeningen, waardoor de verhuurder ontruiming vordert.
De kantonrechter benadrukt dat ontruiming een ingrijpende maatregel is en dat in kort geding terughoudendheid moet worden betracht. Toch is de betalingsachterstand van meer dan drie maanden en de omvangrijke schuld voldoende aannemelijk om ontruiming te rechtvaardigen. De schuldhulpverlening die is gestart, weegt niet zwaarder dan de betalingsachterstand.
De rechter wijst op de eigen verantwoordelijkheid van de huurders om betalingsproblemen tijdig te signaleren en actie te ondernemen. De aanwezigheid van kinderen leidt tot een ruimere ontruimingstermijn van twee maanden voor de woning, zodat hulpverlening kan worden ingeschakeld en een alternatief onderkomen kan worden gezocht.
De ontruiming van de garagebox wordt eveneens toegewezen met een kortere termijn van veertien dagen. Daarnaast worden de huurders veroordeeld tot betaling van de achterstallige huur, servicekosten, lopende huurtermijnen, incassokosten en proceskosten. De machtiging tot gedwongen ontruiming wordt niet toegekend, maar de deurwaarder kan volgens wettelijke bepalingen overgaan tot ontruiming.
Uitkomst: De kantonrechter wijst de vordering tot ontruiming van woning en garagebox toe en veroordeelt de huurders tot betaling van achterstallige huur, servicekosten, incassokosten en proceskosten.