Uitspraak
RECHTBANK NOORD-HOLLAND
uitspraak van de voorzieningenrechter van 28 mei 2025 in de zaak tussen
Melkveebedrijf 'Vee en Veldlust', uit Oterleek, verzoeker
Samenvatting
Procesverloop
.
Beoordeling door de voorzieningenrechter
geen(persoonlijk) belang hoeven te stellen. De voorzieningenrechter is van oordeel dat niet is gebleken dat belanghebbende met haar Woo-verzoek geen openbaarmaking voor eenieder heeft beoogd. Dat belanghebbende de Woo gebruikt om informatie te verkrijgen die zij in een andere procedure wil gebruiken maar in die procedure niet zonder meer kan verkrijgen, maakt niet dat sprake is van misbruik. Slechts onder bijzondere omstandigheden kan een verzoek om informatie met het oog op een andere procedure misbruik opleveren. Van zo een situatie is hier geen sprake. Er is in dit geval geen sprake van het indienen van een grote hoeveelheid verzoeken door belanghebbende gericht op het verstoren van het functioneren van het bestuursorgaan. De voorzieningenrechter is dan ook van oordeel dat er geen sprake is van een kennelijk ander doel dan het verkrijgen van informatie. Dit betekent dat geen sprake is van misbruik van recht door belanghebbende.
aantallen gehouden dieren, de gegevens over huisvestingsplaatsen/hokken en de gegevens over ammoniakemissie en zuurdepositie moeten worden aangemerkt als milieu-informatie die betrekking heeft op emissies in het milieu […]”. De aantallen gehouden dieren en de gegevens over huisvestingsplaatsen/hokken zijn volgens de Afdeling noodzakelijk om te controleren of de beoordeling van de daadwerkelijke of voorzienbare emissies juist is. Ook in de uitspraak van 5 oktober 2022 [4] heeft de Afdeling geoordeeld dat diertelgegevens zijn aan te merken als milieu-informatie die betrekking heeft op emissies in het milieu. De voorzieningenrechter is dan ook van oordeel dat de verzochte diertelgegevens moeten worden aangemerkt als emissiegegevens als bedoeld in artikel 5.1, zevende lid, van de Woo. Deze gegevens moeten, gelet op de tekst van dat artikel, openbaar worden gemaakt zonder belangenafweging door de minister.