ECLI:NL:RBNHO:2025:15044
Rechtbank Noord-Holland
- Wraking
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek tot wraking van de rechter in bestuursrechtelijke procedure
Op 16 december 2025 heeft de wrakingskamer van de Rechtbank Noord-Holland uitspraak gedaan op het verzoek tot wraking van mr. I.M. Ludwig, ingediend door een verzoekster uit Hoorn. Het verzoek tot wraking was gebaseerd op het verloop van de mondelinge behandeling in de hoofdzaak, waarin verzoekster zich niet gehoord voelde en geen beschikking had over een brp-uittreksel. De wrakingskamer heeft geoordeeld dat de gronden voor wraking niet toereikend zijn. De rechter in de hoofdzaak heeft de regie en verantwoordelijkheid voor de orde in de zittingszaal, en de door verzoekster aangedragen redenen kunnen niet leiden tot de conclusie dat de rechter partijdig zou zijn. De wrakingskamer heeft bovendien vastgesteld dat het verzoek tot wraking misbruik van rechtsmiddelen inhoudt, aangezien dit de tweede keer is dat verzoekster zonder deugdelijke grond een wrakingsverzoek indient. De wrakingskamer heeft het verzoek tot wraking afgewezen en bepaald dat een volgend verzoek van verzoekster in de hoofdzaak niet in behandeling wordt genomen. De beslissing is openbaar uitgesproken en er staat geen rechtsmiddel open tegen deze uitspraak.