6.1.In het verweerschrift en op de zitting heeft het college toegelicht dat er in de periode voorafgaand aan 26 juni 2025 herhaaldelijk sprake is geweest van incidenten waarbij verzoeker agressief en intimiderend gedrag vertoonde richting medewerkers en medebewoners. Dit gedrag bestond uit schreeuwen, dreigen, het blokkeren van een uitgang en het veroorzaken van onrust op de locatie. Vanwege agressief gedrag en het niet opvolgen van de tijdelijke locatie ontzegging is hem van 9 juli 2025 tot 11 juli 2025 een gebiedsverbod opgelegd. Op 10 juli 2025 heeft er een gesprek met verzoeker en een tolk plaatsgevonden waarin de voorwaarden voor terugkeer, het agressieprotocol en veiligheidsafspraken zijn besproken. Verzoeker verliet dat gesprek voortijdig. In een aan verzoekers gestuurde vrijwillige gedragsaanwijzing van 10 juli 2025 is toegelicht dat verdere escalatie zal leiden tot oplopende maatregelen in ernst. Op 24 juli 2025 is aan verzoeker een terugkeerbrief uitgereikt. In die brief is aangegeven dat als verzoeker zich na terugkeer in het Transferium weer agressief, intimiderend gedraagt of overlast veroorzaakt het college de intentie heeft om hem definitief de toegang tot het Transferium te ontzeggen. Op 25 juli 2025 heeft er weer een incident plaatsgevonden, waarbij verzoeker luid heeft geschreeuwd en verbaal agressief zou zijn geworden. Hierna heeft het college het bestreden besluit genomen.
7. Verzoeker is het niet eens met het besluit van het college. Hij stelt dat hij gehoord had moeten worden, voordat het college het besluit had mogen nemen. Daarnaast is er onvoldoende onafhankelijk bewijs voor de verwijten die hem gemaakt worden en is sprake van selectieve verslaglegging. Op de zitting is namens verzoeker toegelicht dat er op 25 juli 2025 sprake was van een stressreactie bij verzoeker en er meer lawaai was dan normaal, maar dat dat een reden had omdat dat namelijk te maken had met de sleutel voor een kamer. Het besluit houdt volgens verzoeker geen rekening met de belangen van zijn drie minderjarige kinderen en is in strijd met artikel 8 van het EVRM. Er is geen reële alternatieve opvang, omdat er geen plaats beschikbaar was bij DNO Doen, het alleen nachtopvang is en deze locatie niet geschikt is voor verblijf met kinderen. De maatregel is buitenproportioneel. Er is sprake van een structureel nalaten van de gemeente door niet te reageren op verzoeken.
Wat is het beoordelingskader?
8. De voorzieningenrechter verwijst voor de relevante regelgeving naar de bijlage bij deze uitspraak.
9. Uit het in het bestreden besluit beschrevene blijkt dat verzoeker zich herhaaldelijk agressief, intimiderend en/of overlastgevend heeft gedragen en daarmee in strijd heeft gehandeld met het Huishoudelijk reglement gemeentelijke opvanglocatie ontheemden uit Oekraïne (Huishoudelijk reglement). Het college heeft ter onderbouwing van het besluit dagrapportages van beveiliging en lijsten van incidenten die zijn opgesteld door de huismeester overgelegd, een brief van 24 juli 2024 met een waarschuwing aan verzoeker alsook de besluiten waarbij eerder aan hem een tijdelijk locatieverbod is opgelegd. Verzoeker heeft de incidenten onvoldoende betwist. Een enkele ontkenning van de gedragingen en incidenten door verzoeker, zonder enige onderbouwing, doet de voorzieningenrechter niet twijfelen aan hetgeen is voorgevallen. Verzoeker heeft niet betwist dat er op 25 juli 2025 een incident heeft plaatsgevonden. Dat een deel van de rapportages afkomstig is van medewerkers van de opvanglocatie zelf en dus daarom niet onafhankelijk zou zijn, maakt niet dat het college zich niet op deze rapportages mag baseren. Het college kan maatregelen treffen op grond van artikel 7, eerste lid, aanhef en onder c van de RooO als de ontheemde ernstige inbreuk maakt op het Huishoudelijk reglement. Het college heeft naar het oordeel van de voorzieningenrechter in het gedrag van verzoeker voldoende aanleiding mogen zien om maatregelen te nemen. De vraag is of het college verzoeker de toegang tot de opvang in het Transferium definitief mag onthouden en of het college kan volstaan met verwijzing van verzoeker naar de nachtopvang DNO Doen in Alkmaar.
10. De mogelijkheid om voorzieningen te beperken of in te trekken wegens geweld of overtreding van het Huishoudelijk reglement is per 1 oktober 2023 in artikel 7, eerste lid, aanhef, onder c en d van de RooO opgenomen. De toelichting bij deze wijziging vermeldt onder meer:
“Met het opnemen van twee nieuwe onderdelen in artikel 7, eerste lid, wordt geregeld dat de burgemeester ook bij niet naleving van de huishoudelijke reglementen of geweldpleging in de gemeentelijke opvang de verstrekkingen zoals beschreven in artikel 6, eerste lid, kan beperken.
Deze wijziging is overeenkomstig artikel 10, eerste lid, punten h en i, Regeling verstrekkingen asielzoekers en andere categorieën vreemdelingen 2005 (Rva), sluit tevens aan bij de behoefte van gemeenten aan meer handelingsperspectief bij overlastgevend gedrag op de gemeentelijke opvanglocaties voor ontheemden uit Oekraïne en is onderdeel van een breder handelingsperspectief voor deze doelgroep. Deze wijziging biedt de burgemeester de mogelijkheid om in ieder geval één of meer van de volgende maatregelen te nemen:
–het inhouden van leefgeld;
–beperken van deelname aan recreatieve of educatieve activiteiten;
–Het toepassen van een afwijkend regime op basis van de huisregels gedurende maximaal 8 uur per etmaal.
[...]
Of, en zo ja, in welke mate de verstrekkingen kunnen worden beperkt hangt af van de concrete omstandigheden van het geval, waarbij als uitgangspunt geldt dat de maatregel in een juiste verhouding staat tot het gedrag of het nalaten van de desbetreffende bewoner (proportionaliteit). [...] Zodra de betrokkene weer voldoet aan de verplichtingen bedoeld in artikel 6, derde lid, worden de beperkingen opgeheven en het uitkeren van verstrekkingen hervat.
[...]
De ontheemde blijft ook vallen onder de reikwijdte van de richtlijn, en dat brengt in gevolge artikel 13 van de richtlijn, waaraan deze regeling dus moet voldoen, mee dat aan ontheemden ‘een fatsoenlijk onderkomen krijgen of, in voorkomend geval, middelen te hunner beschikking krijgen om huisvesting te vinden.’ In aansluiting bij artikel 10 van de Rva is het mogelijk om de verstrekkingen te beperken of beëindigen in een aantal gevallen, waarbij altijd in de basisvoorzieningen moet worden voorzien. Het is bijvoorbeeld mogelijk om het leefgeld te beperken of te beëindigen of een aangepast programma aan te bieden. Ook is het mogelijk om een ontheemde onder te brengen in een afgezonderd gedeelte van de opvanglocatie waar andere voorzieningen beschikbaar zijn. Tegelijk krijgen gemeenten een zekere mate van vrijheid om in hun huisregels een aangepast regime vast te leggen; er is ruimte voor gemeenten om in hun huisregels vast te leggen welk regime van toepassing is na overlast gevend gedrag, bijvoorbeeld voor een beperkter aanbod gedurende de dag.”