ECLI:NL:RBNHO:2024:8990
Rechtbank Noord-Holland
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing voorlopige voorziening voor maatschappelijke opvang wegens zelfredzaamheid
Verzoeker heeft een aanvraag gedaan voor maatschappelijke opvang op grond van de Wet maatschappelijke ondersteuning 2015 (Wmo 2015), welke door het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Alkmaar is afgewezen. Verzoeker heeft hiertegen bezwaar gemaakt en tevens een voorlopige voorziening gevraagd.
De voorzieningenrechter heeft op 18 juli 2024 de zaak behandeld en daarbij vastgesteld dat verzoeker geen hulpvraag heeft die opvang rechtvaardigt. Hoewel verzoeker geen inkomen, inschrijving, zorgverzekering of DigiD heeft en dakloos is, is hij in staat zich zelf te handhaven in de samenleving. Dit blijkt onder meer uit het feit dat verzoeker recent twee parttime banen heeft gevonden en eerder zelf onderdak heeft geregeld.
De voorzieningenrechter overweegt dat het feit dat iemand feitelijk geen onderdak heeft niet automatisch recht geeft op opvang onder de Wmo 2015. Het onderzoek van dnoDoen en de toelichting van verweerder ondersteunen het standpunt dat verzoeker geen maatwerkvoorziening nodig heeft. De eerdere opvang in 2022 doet hieraan niet af, omdat toen ruimere criteria golden vanwege coronamaatregelen.
Op grond van deze overwegingen wijst de voorzieningenrechter het verzoek tot het treffen van een voorlopige voorziening af. Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep of verzet open.
Uitkomst: Het verzoek tot het treffen van een voorlopige voorziening voor maatschappelijke opvang wordt afgewezen omdat verzoeker als zelfredzaam wordt beschouwd.