De rechtbank Noord-Holland heeft verdachte, een toen zestienjarige, vrijgesproken van het plegen van ontuchtige handelingen met een toen twaalfjarige minderjarige. De tenlastelegging betrof diverse seksuele handelingen, waaronder anale penetratie en orale seks, gepleegd tussen augustus 2021 en augustus 2022.
De rechtbank stelde vast dat de seksuele handelingen hebben plaatsgevonden, maar oordeelde dat het ontuchtige karakter ontbrak. Dit oordeel baseerde zij op de vriendschappelijke relatie tussen verdachte en slachtoffer, het ontbreken van dwang, bedreiging of geweld, en het sterk achtergebleven cognitieve en sociaal-emotionele ontwikkelingsniveau van verdachte. De verdachte functioneert op een licht verstandelijk beperkt niveau met een IQ van 67.
De rechtbank benadrukte dat hoewel het slachtoffer mogelijk vervelende ervaringen had, dit niet betekent dat de feiten wettig en overtuigend bewezen zijn als strafbare ontuchtige handelingen. De rechtbank adviseerde verdachte vrijwillig hulp te zoeken voor zijn seksuele gevoelens en verlangens, mede gelet op zijn kwetsbaarheid door verstandelijke beperking, autisme en psychotrauma.
De officier van justitie had een taakstraf en voorwaardelijke werkstraf gevorderd, maar de rechtbank verklaarde de tenlastelegging niet bewezen en sprak verdachte vrij. De zitting vond plaats op 11 juli 2024, het vonnis werd uitgesproken op 25 juli 2024.