ECLI:NL:RBNHO:2024:6559
Rechtbank Noord-Holland
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing teruggaaf omzetbelasting wegens ontbreken ondernemerschap
Eiser verzocht om teruggaaf van omzetbelasting over 2020, maar verweerder wees dit af omdat eiser geen ondernemer is. Eiser voerde aan dat hij wel economische activiteiten ontplooide en verwees naar eerdere aangiften en het vertrouwensbeginsel.
De rechtbank stelde vast dat eiser sinds 2008 geen omzet heeft aangegeven en geen vergoedingen ontving voor zijn activiteiten. Er was geen rechtsbetrekking met vergoedingen en geen objectieve gegevens die ondernemerschap aannemelijk maakten. Ook de oprichting van vennootschappen en het verzamelen van informatie waren onvoldoende.
De rechtbank oordeelde dat eiser geen ondernemer is in de zin van de Wet op de omzetbelasting en dat het beroep ongegrond is. Het bezwaar tegen het afvoeringsbesluit was terecht niet-ontvankelijk verklaard. Wel werd eiser een vergoeding van € 1.000 toegekend wegens overschrijding van de redelijke termijn en het griffierecht vergoed.
Uitkomst: Het beroep wordt ongegrond verklaard en eiser krijgt een vergoeding van € 1.000 voor overschrijding van de redelijke termijn.