De man diende een verzoek in tot vervangende toestemming voor erkenning van zijn minderjarige kind, omdat de moeder haar toestemming weigerde. Hij wilde tevens gezamenlijk gezag en een omgangsregeling. Na advies van de bijzondere curator, die namens het kind het verzoek overnam, trok de man zijn verzoek in. De bijzondere curator verzocht vervolgens om gerechtelijke vaststelling van het vaderschap, onder voorwaarde van een DNA-onderzoek.
De moeder stemde in met vermelding van de man als vader op de geboorteakte, maar verzette zich tegen gezamenlijk gezag en het aannemen van de achternaam van de man door het kind. De man wilde een volledige vaderrol, inclusief gezag en omgang, en stelde dat hij geen concessies kon doen zonder psychische schade.
De rechtbank stelde vast dat de man de biologische vader is en achtte het in het belang van het kind dat het vaderschap wordt vastgesteld. De rechtbank benadrukte het belang van samenwerking en aanmelding bij het Wijkteam voor herstel van vertrouwen en opbouw van de vader-kindrelatie. Tevens wees zij op de mogelijkheid van een dubbele achternaam sinds 2024.
De rechtbank wees het verzoek tot gerechtelijke vaststelling van het vaderschap toe en bepaalde dat een afschrift van de beschikking aan de burgerlijke stand wordt gezonden. Tegen deze beschikking staat hoger beroep open.