Verzoekster heeft op 15 augustus 2023 tijdens een zitting van de rechtbank Noord-Holland te Haarlem de rechter gewraakt zonder concrete wrakingsgronden te noemen. Zij verliet direct de zittingszaal nadat de rechter vroeg naar de gronden van de wraking. Later die dag heeft verzoekster haar wrakingsverzoek per e-mail toegelicht, maar deze toelichting wordt buiten beschouwing gelaten omdat de wet en het wrakingsprotocol vereisen dat alle gronden tegelijk worden ingediend.
De wrakingskamer overweegt dat een rechter slechts kan worden gewraakt indien er sprake is van bijzondere omstandigheden die een objectief gerechtvaardigde schijn van partijdigheid opleveren. Omdat verzoekster geen feiten of omstandigheden heeft aangevoerd die deze schijn kunnen wekken, is het wrakingsverzoek niet gemotiveerd en daarmee niet-ontvankelijk.
De wrakingskamer besluit daarom het verzoek tot wraking niet-ontvankelijk te verklaren en beveelt dat het proces in de hoofdzaak wordt voortgezet in de stand waarin het zich bevond ten tijde van het indienen van het verzoek. De beslissing is op 4 september 2023 openbaar uitgesproken en er staat geen rechtsmiddel tegen open.