Uitspraak
Rechtbank noord-holland
uitspraak van de meervoudige kamer van 27 juni 2003 in de zaken tussen
[bedrijf 1] B.V., gevestigd te [locatie] , eiseres
de heffingsambtenaar van Cocensus, verweerder.
Procesverloop
Overwegingen
2.495 m²
Geschil7. In geschil is of de juiste objectafbakening heeft plaatsgevonden en of de waarde van het object voor de jaren 2019, 2020 en 2021 op de juiste wijze en naar de juiste bedragen is vastgesteld en of de uitspraken op bezwaar aan de wettelijke eisen voldoen.
- de hoorzitting is niet naar behoren georganiseerd;
- door de onjuiste objectafbakening die is gehanteerd bij het vaststellen van de beschikking dient de beschikking te worden vernietigd;
- verweerder heeft de grondstaffels niet overgelegd en dient ook de taxatiekaarten en de gemeentelijke taxatieverslagen over te leggen;
- verweerder heeft geen geschikte referentiepanden gebruikt en er is geen rekening gehouden met de gebrekkige onderhoudssituatie, lokale verpaupering en verloedering, het rompslompforfait en de waardehausse van de afgelopen tijd. De rechtbank zou een onderzoek ter plaatse kunnen uitvoeren;
- er is geen rekening gehouden met de desastreuse gevolgen van de covidpandemie en de oorlog in Europa. Volgens verweerder is de aftrek in verband met corona bepaald aan de hand van een onderzoek van het Erasmus Centre for Local Governments (ESBL), maar verweerder heeft het desbetreffende onderzoeksrapport niet overgelegd;
- verweerder heeft afspraken gemaakt met de luchthaven [locatie] en de [bedrijf 2] over een waardevermindering in verband met de coronapandemie. Op grond van het gelijkheidsbeginsel moet deze begunstiging van [locatie] en de [bedrijf 2] ook gelden voor eiseres. De rechtbank zou daartoe getuigen kunnen horen;
- verweerder heeft geen berekening gemaakt van de gecorrigeerde vervangingswaarde terwijl bij een object als dit altijd twee berekeningsmethoden moeten worden toegepast;
- het leegstandsrisico is groter dan dat waarmee verweerder rekening heeft gehouden;
- het object zou een viersterrenhotel zijn, maar de sterrenclassificatie voor hotels bestaat niet meer. Dat het hotel zich presenteert als een viersterrenhotel is vanwege een in het erfpachtcontract opgenomen kettingbeding waarin is bepaald dat op de desbetreffende locatie een viersterrenhotel aanwezig moet zijn.
- de onjuiste objectafbakening is hersteld en heeft niet tot gevolg dat de beschikking moet worden vernietigd;
- naar aanleiding van het bezwaar is het object in april 2019, in het bijzijn van de toenmalige gemachtigde, inpandig opgenomen en door de taxateur werd geadviseerd de vastgestelde waarde te handhaven;
- de vervanging van de installaties en het dak is verdisconteerd in de waarde door het in aanmerking nemen van het bouwjaar. Bovendien zien de bedragen die eiseres in aftrek brengt voor renovatie van het dak en de kamers niet op reguliere onderhoudskosten maar op investeringen. Een onderzoek ter plaatse zou hieraan niets toevoegen;
- van de door eiseres genoemde vergelijkingsobjecten zijn er maar een paar die goed met het object zijn te vergelijken. Daarentegen heeft Cocensus goed vergelijkbare objecten in Amsterdam en [locatie] gebruikt;
- omdat de reisbeperkingen door corona zich pas in 2020 manifesteerden, behoeft daarmee pas rekening te worden gehouden vanaf de waardepeildatum 1 januari 2021. De aftrek wegens corona van 20% is ontleend aan de notitie van de Vereniging van Nederlandse gemeenten (VNG) die is opgesteld op basis van een onderzoek van het ESBL. Het desbetreffende onderzoeksrapport is niet overgelegd omdat hier sprake is van een openbare kenbare bron;
- het beroep van eiseres op het gelijkheidsbeginsel faalt. De met [locatie] en de [bedrijf 2] gemaakte afspraken vallen onder de geheimhoudingsplicht en compromissen die in andere gemeenten zijn gesloten zijn niet maatgevend voor de onderhavige zaak;
- een berekening van de gecorrigeerde vervangingswaarde voegt in dit geval niets toe en heeft dus geen zin;
- er is geen mogelijkheid voor het openen van een nieuw hotel bij [locatie] . Er is dus alleen maar sprake van schaarste wat leidt tot een leegstandsrisico van nihil;
- de huurwaarde is afgeleid uit de exploitatiecijfers van eiseres zelf;
- de correctie voor overige verwervingskosten van 0,1% is ontleend aan de Taxatiewijzer HWK;
- met het kettingbeding in de erfpachtakte behoeft geen rekening te worden gehouden omdat het kettingbeding het genot van het object niet raakt. Bovendien gelden voor vergelijkbare objecten aan de [locatie] Boulevard dezelfde condities;
- de oorlogssituatie in Europa deed zich nog niet voor op 1 januari 2021 en is daarom niet relevant voor het jaar 2022 en de daaraan voorafgaande jaren.
a. de aard en de bestemming van de zaak;
b. de sedert de stichting van de zaak opgetreden technische en functionele veroudering waarbij de invloed van latere wijzigingen in aanmerking wordt genomen.
Beslissing
- verklaart de beroepen gegrond;
- vernietigt de uitspraken op bezwaar;
- wijzigt de beschikking voor het jaar 2019 en stelt de waarde van de onroerende zaak vast op € 133.545.000;
- vermindert de aanslagen onroerendezaakbelasting voor het jaar 2019 tot aanslagen, berekend naar een maatstaf van heffing van € 133.545.000;
- wijzigt de beschikking voor het jaar 2020 en stelt de waarde van de onroerende zaak vast op € 140.137.000;
- vermindert de aanslagen onroerendezaakbelasting voor het jaar 2020 tot aanslagen, berekend naar een maatstaf van heffing van € 140.137.000;
- wijzigt de beschikking voor het jaar 2021 en stelt de waarde van de onroerende zaak vast op € 109.987.000;
- vermindert de aanslagen onroerendezaakbelasting voor het jaar 2021 tot aanslagen, berekend naar een maatstaf van heffing van € 109.987.000;
- bepaalt dat deze uitspraak in de plaats treedt van de uitspraken op bezwaar;
- veroordeelt verweerder in de proceskosten van eiseres voor de kosten in bezwaar en beroep (inclusief gemaakte taxatiekosten) tot een bedrag van € 10.116 in totaal, te vermeerderen met de wettelijke rente te rekenen vanaf vier weken na de datum waarop deze uitspraak is gedaan tot aan de dag van voldoening.