ECLI:NL:RBNHO:2023:6252
Rechtbank Noord-Holland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- J.M. Janse van Mantgem
- Rechtspraak.nl
Beroep gegrond wegens niet tijdig bekendmaken van van rechtswege verleende omgevingsvergunning
Eiser diende op 11 augustus 2022 een aanvraag in voor een omgevingsvergunning voor de bouw van een woning op het achtererf van een perceel. De gemeente reageerde dat zij door personeelstekort de aanvraag niet direct kon behandelen. Op 6 oktober 2022 ontstond een vergunning van rechtswege, maar deze werd niet binnen de wettelijke termijn bekendgemaakt. Eiser stelde de gemeente op 19 en 31 oktober 2022 in gebreke en startte op 15 november 2022 beroep tegen het niet tijdig bekendmaken.
De rechtbank beoordeelde dat de reguliere voorbereidingsprocedure van de Wabo van toepassing was omdat het bestemmingsplan geen beperking kent tot één hoofdgebouw en het bouwplan niet in strijd is met het bestemmingsplan. De beslistermijn van 8 weken verstreek op 6 oktober 2022, waarna de vergunning uiterlijk 20 oktober 2022 bekend had moeten worden gemaakt. Dit gebeurde niet, waardoor het beroep gegrond is.
De rechtbank draagt de gemeente op binnen twee weken na verzending van de uitspraak alsnog de vergunning bekend te maken en legt een dwangsom van € 100,- per dag op, met een maximum van € 15.000,-. Tevens wordt de gemeente veroordeeld in de proceskosten van € 1.674,- en dient het betaalde griffierecht van € 184,- te worden vergoed.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en de gemeente wordt opgedragen de vergunning binnen twee weken bekend te maken met oplegging van een dwangsom.