ECLI:NL:RBNHO:2023:4784
Rechtbank Noord-Holland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Arbeidsovereenkomst onregelmatig opgezegd door werkgever; vergoeding en transitievergoeding toegewezen
De werknemer is sinds 1 april 2022 in dienst bij de werkgever met een arbeidsovereenkomst voor bepaalde tijd zonder tussentijdse opzegmogelijkheid. Vanaf de zomer van 2022 ontstonden er misverstanden tussen partijen. Op 28 november 2022 beëindigde de werkgever de arbeidsovereenkomst per direct via een e-mail na een woordenwisseling, waarna de werknemer niet meer op het werk verscheen.
De werknemer verzocht de kantonrechter om een verklaring voor recht dat de opzegging onregelmatig was, en vorderde een gefixeerde schadevergoeding en transitievergoeding. De werkgever stelde dat de werknemer zelf had opgezegd, waardoor geen vergoeding verschuldigd zou zijn.
De kantonrechter oordeelde dat niet is komen vast te staan dat de werknemer de arbeidsovereenkomst heeft opgezegd, mede omdat de werkgever niet heeft onderzocht of de werknemer daadwerkelijk wilde stoppen en niet heeft gewezen op de gevolgen. De e-mail van de werkgever werd gezien als een eenzijdige opzegging door de werkgever zonder redelijke grond of instemming van de werknemer, waardoor de opzegging niet rechtsgeldig was.
De werkgever werd veroordeeld tot betaling van een vergoeding wegens onregelmatige opzegging ter hoogte van het loon over de resterende looptijd van de overeenkomst (€ 19.872,- bruto) met wettelijke rente vanaf 28 november 2022, en tot betaling van een transitievergoeding van € 1.656,- bruto met rente vanaf 28 december 2022. Daarnaast werden de proceskosten aan de zijde van de werknemer toegewezen.
Een vordering van de werkgever tot schadevergoeding wegens handelen van de werknemer werd afgewezen omdat geen opzet of bewuste roekeloosheid was vastgesteld.
Uitkomst: De arbeidsovereenkomst is onregelmatig opgezegd door de werkgever, die een vergoeding en transitievergoeding aan de werknemer moet betalen.