Partijen zijn gescheiden en hebben drie minderjarige kinderen met gezamenlijk gezag, waarbij de hoofdverblijfplaats bij de moeder is. De vader woont in een andere plaats en werkt onregelmatig met een oproepcontract. De moeder verzoekt een vaste zorgregeling en kinderbijdrage, terwijl de vader een minder uitgebreide regeling wenst vanwege zijn werk.
De rechtbank stelt vast dat het in het belang van de kinderen is dat zij twee dagen per twee weken contact hebben met hun vader, namelijk van vrijdag uit school tot zondag 18.00 uur. De vader is verantwoordelijk voor het halen en brengen, inclusief sportactiviteiten, en moet bij hoge uitzondering tijdig melden als hij vrijdag niet kan ophalen.
Voor vakanties wordt bepaald dat de kinderen drie weken in de zomervakantie en één week in de kerstvakantie bij de vader verblijven, met verdere afspraken in onderling overleg. De kinderbijdrage wordt vastgesteld op €60 per kind per maand vanaf 26 augustus 2022, gebaseerd op de draagkracht van de vader en het ontbreken van draagkracht bij de moeder. De beschikking is uitvoerbaar bij voorraad en het hoger beroep staat open.