Uitspraak
tussenuitspraak van de enkelvoudige kamer van 4 januari 2023 in de zaak tussen
[eiser 1], uit [plaats 1] ,
[eiser 2], uit [plaats 2] ,
[eiseres], uit [plaats 1] ,
Rechtbank Noord-Holland
Eisers hebben beroep ingesteld tegen de weigering van een omgevingsvergunning voor het bouwen van 22 appartementen op het perceel Noorderhoofdstraat 37a-45 in Krommenie. Het college van burgemeester en wethouders van Zaanstad had de aanvraag afgewezen omdat het project in strijd zou zijn met het bestemmingsplan, met name vanwege het realiseren van meerdere hoofdgebouwen op hetzelfde perceel.
De rechtbank stelt vast dat het college ten onrechte het begrip 'perceel' heeft geïnterpreteerd als een feitelijke situatie in plaats van het kadastrale perceel, wat in strijd is met het rechtszekerheidsbeginsel. Tevens is geoordeeld dat het college het vertrouwensbeginsel heeft geschonden door in een quickscan-overeenkomst aan eisers toe te zeggen dat het project binnen het bestemmingsplan past, terwijl later de vergunning werd geweigerd.
Het college heeft onvoldoende gemotiveerd dat zwaarder wegende belangen aan het honoreren van dit vertrouwen in de weg staan. Het beroep op het gelijkheidsbeginsel wordt afgewezen omdat eerdere fouten door het college niet herhaald hoeven te worden.
De rechtbank stelt het college in de gelegenheid het gebrek in de motivering te herstellen of een nieuwe beslissing te nemen binnen zes weken en houdt verdere beslissingen aan tot de einduitspraak. De uitspraak is een tussenuitspraak die geen hoger beroep toestaat.
Uitkomst: De rechtbank houdt het besluit aan en geeft het college zes weken om het gebrek in de motivering te herstellen.