Uitspraak
RECHTBANK NOORD-HOLLAND
Het verloop van de procedure
Overwegingen
De uitspraak
Het instellen van hoger beroep per e-mail is niet mogelijk.
Rechtbank Noord-Holland
Betrokkene kreeg een bestuurlijke boete opgelegd wegens handelen in strijd met een geslotenverklaring (bord C2 RVV 1990). Hiertegen stelde betrokkene beroep in bij de officier van justitie, dat ongegrond of niet-ontvankelijk werd verklaard. Vervolgens stelde betrokkene beroep in bij de kantonrechter.
Op de zitting was de officier van justitie vertegenwoordigd, betrokkene verscheen niet maar had schriftelijk verweer ingediend. Betrokkene voerde onder meer aan dat de opgelegde regels niet op haar van toepassing zouden zijn, omdat zij zichzelf ziet als vrij en soeverein mens met een verklaring van leven.
De kantonrechter oordeelde dat iedereen in Nederland zich aan de geldende regels moet houden en dat de rechter niet bevoegd is om de innerlijke waarde van de wet te toetsen. Daarnaast stelde de kantonrechter vast dat het beroep te laat was ingediend, ruim na de wettelijke termijn van zes weken, zonder dat sprake was van verschoonbare overschrijding.
Daarom verklaarde de kantonrechter het beroep niet-ontvankelijk. Tegen deze uitspraak kan hoger beroep worden ingesteld bij het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden binnen zes weken, mits de boete hoger is dan €110.
Uitkomst: Het beroep tegen de bestuurlijke boete wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens overschrijding van de beroepstermijn.