ECLI:NL:RBNHO:2023:12616

Rechtbank Noord-Holland

Datum uitspraak
4 oktober 2023
Publicatiedatum
8 december 2023
Zaaknummer
10662754 WM VERZ 23-1241
Type
Uitspraak
Uitkomst
Deels toewijzend
Procedures
  • Bodemzaak
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 9 WAHVArt. 6:7 AwbArt. 6:11 AwbArt. 14 WAHV
Verwijzingen
5 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Matiging boete wegens te hard rijden op autosnelweg buiten bebouwde kom

Betrokkene is beboet voor het rijden met een snelheid van 6 km per uur boven de toegestane limiet op een autosnelweg buiten de bebouwde kom. Tegen de opgelegde administratieve sanctie heeft betrokkene beroep ingesteld bij de officier van justitie, die dit ongegrond of niet-ontvankelijk verklaarde. Vervolgens is beroep ingesteld bij de kantonrechter.

Tijdens de zitting op 4 oktober 2023 heeft betrokkene aangevoerd dat hij meerdere boetes had ontvangen en daardoor het overzicht was kwijtgeraakt. Tevens gaf hij aan onder behandeling te zijn bij een psychiatrische instelling en financiële problemen te hebben door schulden en baanverlies, waardoor betaling van de boetes niet mogelijk was.

Hoewel het beroep te laat was ingediend, oordeelde de kantonrechter dat de overschrijding van de termijn verschoonbaar was. Gezien de omstandigheden achtte de rechter matiging van de boete op zijn plaats. De boete werd daarom gematigd tot €23,50 en het te stellen zekerheidbedrag op nihil gesteld, zodat betrokkene de zaak kon laten beoordelen.

Uitkomst: De boete voor te hard rijden is gematigd tot €23,50 vanwege persoonlijke omstandigheden betrokkene.

Uitspraak

RECHTBANK NOORD-HOLLAND

Handel, Kanton en Insolventie
locatie Haarlem
Zaaknummer : 10662754 WM VERZ 23-1241
CJIB-nummer : [nummer]
Uitspraakdatum : 4 oktober 2023
Uitspraak op een beroep als bedoeld in artikel 9 van Pro de Wet administratiefrechtelijke handhaving verkeersvoorschriften (WAHV)
in de zaak van
naam : [betrokkene]
adres : [adres]
woonplaats : 1102 TD Amsterdam
(hierna te noemen: betrokkene).

Het verloop van de procedure

Aan betrokkene is een administratieve sanctie (hierna te noemen: boete) opgelegd. Betrokkene heeft daartegen beroep ingesteld bij de officier van justitie. De officier van justitie heeft het beroep ongegrond dan wel niet-ontvankelijk verklaard. Tegen die beslissing is door betrokkene beroep ingesteld bij de kantonrechter.
De zaak is behandeld op de zitting van 4 oktober 2023. Op de zitting is de vertegenwoordiger van de officier van justitie verschenen. Betrokkene is ook verschenen. De kantonrechter heeft op de zitting uitspraak gedaan.

Overwegingen

De gedraging waarvoor de boete is opgelegd, luidt – kort omschreven – als volgt: 6 km per uur harder rijden dan mag op een autosnelweg buiten de bebouwde kom (verkeersbord A1).
Betrokkene is het niet eens met de beslissing van de officier van justitie en heeft in het beroepschrift de gronden daarvoor aangevoerd. Betrokkene heeft -kort en zakelijk weergegeven- aangevoerd dat hij meerdere boetes heeft gehad en daardoor het overzicht is kwijtgeraakt. In die periode was betrokkene in de war en hij is onder behandeling bij Goede Buur Psychiatrie in Amsterdam. Het gaat nog steeds niet goed met betrokkene en hij kan de boetes niet betalen door opgelopen schulden en het verliezen van zijn baan.
De kantonrechter zal het bedrag van de door betrokkene te stellen zekerheid op nihil stellen zodat hij de zaak kan beoordelen.
Betrokkene heeft het beroep bij de kantonrechter te laat ingesteld. Volgens artikel 6:7 van Pro de Algemene wet bestuursrecht is de termijn voor het indienen van een beroepschrift zes weken. Het beroep is door betrokkene ingesteld op 24 januari 2023, terwijl dat beroep uiterlijk op 28 juni 2022 ontvangen had moeten zijn. De kantonrecht oordeelt dat aannemelijk is geworden dat deze overschrijding van de beroepstermijn verschoonbaar is in de zin van artikel 6:11 van Pro de Algemene wet bestuursrecht.
De kantonrechter oordeelt als volgt. Gelet op de stukken in het dossier staat vast dat de gedraging is verricht.
De kantonrechter zal beoordelen of er sprake is van zodanige omstandigheden dat het opleggen van een sanctie niet te billijken is, dan wel dat matiging van de sanctie gerechtvaardigd is.
De kantonrechter ziet in hetgeen betrokkene heeft aangevoerd wel aanleiding om de boete te matigen. De boete zal worden gematigd tot € 23,50.

De uitspraak

De kantonrechter:
‒ stelt het bedrag van de door betrokkene te betalen zekerheid op nihil;
‒ verklaart het beroep gedeeltelijk gegrond;
‒ wijzigt de beslissing van de officier van justitie, in die zin dat de boete wordt gematigd tot € 23,50;
‒ bepaalt dat nu de te stellen zekerheid door de kantonrechter op nihil is gesteld betrokkene nog een bedrag van € 23,50 moet voldoen.
Deze uitspraak is gedaan door mr. M.P. de Valk, kantonrechter, bijgestaan door de griffier, en in het openbaar uitgesproken.
De griffier De kantonrechter
Tegen deze uitspraak kan op grond van artikel 14 WAHV Pro hoger beroep worden ingesteld bij het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, binnen 6 weken na de hieronder vermelde dag van toezending. Hoger beroep is in beginsel alleen mogelijk als de boete in de uitspraak is bepaald op een bedrag van meer dan € 110,00. Het beroepschrift moet worden verzonden aan de afdeling Kanton van de rechtbank Noord-Holland, Postbus 251, 1800 BG Alkmaar. De wet gaat uit van een geheel schriftelijke procedure in hoger beroep, tenzij door u bij het beroepschrift uitdrukkelijk om een mondelinge behandeling van de zaak is verzocht.
Het instellen van hoger beroep per e-mail is niet mogelijk.
Datum toezending: