ECLI:NL:RBNHO:2022:8625
Rechtbank Noord-Holland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit UWV over vaststelling WW-dagloon wegens onjuiste loongegevens
Eiser was werkzaam bij een BV die failliet is verklaard en ontving een WW-uitkering waarvan het dagloon door het UWV werd vastgesteld op basis van polisadministratiegegevens. Eiser betoogde dat deze gegevens onjuist waren en onderbouwde dit met loonstroken, een naheffing van de Belastingdienst en een bestuursverbod voor de bestuurder van de BV.
De rechtbank oordeelde dat het UWV zich in beginsel op de polisadministratie mag baseren, maar dat wanneer aannemelijk wordt gemaakt dat deze gegevens onjuist zijn, nader onderzoek verplicht is. Gezien de discrepanties in loonbedragen, het ontbreken van loonheffing in 2020 en het bestuursverbod, was er een gegrond vermoeden dat de gegevens onjuist waren.
Het UWV had daarom nader onderzoek moeten instellen, onder meer door informatie in te winnen bij de Belastingdienst en de curator in het faillissement. De rechtbank vernietigde het bestreden besluit en bepaalde dat het UWV binnen zes weken een nieuw besluit moet nemen. Tevens werd het griffierecht en proceskosten aan eiser toegewezen.
Uitkomst: Het besluit van het UWV wordt vernietigd en het UWV moet binnen zes weken een nieuw besluit nemen na nader onderzoek.