Uitspraak
1.Het procesverloop
,tolk Koerdisch-Sorani,
2.De feiten
3.Het aangehouden verzoek
4.Het standpunt van belanghebbenden
5.De beoordeling
6.De beslissing
Amsterdam
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Rechtbank Noord-Holland
De gecertificeerde instelling (GI) verzocht om machtiging tot uithuisplaatsing van de minderjarige, die sinds juni 2021 samen met de moeder in een moeder-kind-huis verblijft. De GI stelt dat de moeder onvoldoende in staat is om te voorzien in de basisbehoeften van het kind en dat er sprake is van psychische problematiek bij de moeder. De ouders zijn het niet eens met het verzoek en benadrukken hun bereidheid tot samenwerking en het belang van hechting.
De rechtbank overweegt dat ondanks het verblijf in het moeder-kind-huis de ouders niet zelfstandig of met ambulante hulp de zorg kunnen dragen. Uit observaties blijkt dat de moeder veel begeleiding nodig heeft en het kind soms alleen laat, waardoor anderen de zorg overnemen. Ook is er onvoldoende acceptatie van hulpverlening en blijven zorgen over de veiligheid en opvoeding bestaan.
De rechtbank verleent daarom een machtiging tot uithuisplaatsing voor negen maanden in een pleegzorgvoorziening en houdt het overige verzoek aan tot oktober 2022. Tevens wordt de GI opgedragen om een plan met concrete doelen voor de ouders op te stellen en periodiek te evalueren. De rechtbank acht het perspectief op terugkeer naar de ouders nog niet uitgesloten en verlangt nader onderzoek hiernaar.
Uitkomst: Machtiging tot uithuisplaatsing van de minderjarige voor negen maanden verleend wegens onvoldoende opvoedcapaciteit van de ouders.