Uitspraak
RECHTBANK NOORD-HOLLAND
Het verloop van de procedure en het proces-verbaal van de zitting
Overwegingen
De uitspraak
Het instellen van hoger beroep per e-mail is niet mogelijk.
Rechtbank Noord-Holland
Betrokkene kreeg een administratieve boete opgelegd wegens het handelen in strijd met een geslotenverklaring in beide richtingen binnen de binnenstad van Alkmaar. Na een ongegrondverklaring van het beroep door de officier van justitie, stelde betrokkene beroep in bij de kantonrechter. Tijdens de zitting trok de gemachtigde enkele beroepsgronden in, waaronder het ontbreken van een plattegrond en het bezit van een vergunning die na de boetedatum was ingegaan.
De kantonrechter oordeelde dat van weggebruikers verwacht mag worden dat zij oplettend zijn voor verkeersborden en hun rijgedrag daarop aanpassen. Het niet opmerken van de borden of het niet kunnen verwerken van de informatie door snelheid is voor rekening van betrokkene. Er was geen sprake van een onmogelijke ontsnapping uit een fuik, zoals betoogd door de gemachtigde.
Ook werd geoordeeld dat de boete terecht was opgelegd met de algemene feitcode (R550A) en niet alleen met de specifieke feitcode (R550B), conform een eerdere uitspraak van het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden. Het beroep werd ongegrond verklaard en het verzoek tot proceskostenvergoeding afgewezen.
Uitkomst: Het beroep tegen de boete wegens overtreding van de geslotenverklaring wordt ongegrond verklaard.