ECLI:NL:RBNHO:2022:11513
Rechtbank Noord-Holland
- Verstek
- Rechtspraak.nl
Afwijzing vordering wegens niet-naleving precontractuele informatieplichten consument
De zaak betreft een vordering gebaseerd op een overeenkomst tussen een handelaar en een consument. De eisende partij, een vennootschap gevestigd in Dublin, heeft de gedaagde partij gedagvaard, maar deze is niet verschenen, waarna verstek is verleend.
De kantonrechter toetst ambtshalve of aan de wettelijke (pre)contractuele informatieplichten uit Boek 6, titel 5, afdeling 2B BW is voldaan. De eisende partij heeft onvoldoende gesteld en onderbouwd dat zij aan deze informatieplichten heeft voldaan. Zo ontbreekt een duidelijke en met schermafbeeldingen onderbouwde toelichting op het bestelproces en een bevestiging conform artikel 6:230v lid 7 BW.
Op grond van artikel 111 lid 2 onder Pro d Rv en artikel 21 Rv Pro moet de eis en de gronden daarvan volledig en naar waarheid worden gesteld, hetgeen niet is gebeurd. Daarom wijst de kantonrechter de vordering af en veroordeelt de eisende partij tot betaling van de proceskosten. De gedaagde partij heeft geen kosten gemaakt.
Uitkomst: De vordering wordt afgewezen wegens onvoldoende onderbouwing van de precontractuele informatieplichten.