Uitspraak
RECHTBANK NOORD-HOLLAND
1.Tenlastelegging
- feit 1: in de periode van 11 januari 2013 tot en met 14 november 2014 samen met anderen voorbereidingshandelingen en/of bevorderingshandelingen heeft gepleegd om een hoeveelheid cocaïne, dan wel een middel genoemd op lijst I, opzettelijk binnen of buiten Nederland te brengen en te verkopen/afleveren/verstrekken/vervoeren en vervaardigen;
- feit 2: in de periode van 11 januari 2013 tot en met 14 november 2014 samen met anderen heeft deelgenomen aan een criminele organisatie, welke organisatie tot oogmerk heeft het plegen van misdrijven als bedoeld onder artikel 2 jo Pro artikel 10 en Pro/of artikel 2 jo Pro artikel 10a van de Opiumwet (Ow);
feit 3: in de periode van 25 september 2009 tot en met 30 juni 2014 zich samen met anderen heeft schuldig gemaakt aan witwassen.
2.Inleiding
4.Beoordeling van het bewijs
vertrekt op 24 april 2013 van Trinidad en Tobago en komt daar op 20 mei 2013 weer aan. Als gezegd, hij is dan samen met [medeverdachte 2] in Ecuador geweest. Hij vertrekt op 25 mei 2013 weer uit Trinidad en Tobago en komt op 20 juni 2013 weer aan, dit keer vanuit Toronto (Canada). Nog dezelfde dag vertrekt hij naar Paramaribo, om vervolgens op 25 juni 2013 weer in Trinidad en Tobago aan te komen en daar te blijven tot het vertrek van de [zeilboot 1] op 10 juli 2013.
[medeverdachte 1] sms’t op 8 juli 2014 aan [medeverdachte 2] : “hij is bezig met kleine heb je nu niets aan die verstopt zich en lut is oh in cur” en “ben nog steeds onder weg al zeshonderd gereden nu pas ketelbrug wat ik al niet moet doen voor jullie morgen stuur I beetje heb nog niet meer maar komt ok”.
[medeverdachte 1] : “Vraag denk dat die hier op gele van wat ik al zei naar (m m d s) (d p s s) gaan als dat zo s kan je dan lang ook?” en “ Of toch liever naar lut of hollywood. Zit nu in maag met lang en deze”.
[medeverdachte 1] : lange kan zeg het maar vriend”.
[medeverdachte 1] : “snap het maar weet niet war hij ze ei moet halen ik onderhou hem ook al zes weken m al die reis kosten hebben mijn laatste reserve op gemaakt”.
ecli:nl:hr:2007:BA0502).
allemedeverdachten. Desondanks blijkt uit de bewijsmiddelen dat de verdachten goed op de hoogte waren van hetgeen zich ergens anders op de wereld afspeelde. Ook maakten verdachte en medeverdachten gebruik van veel verschillende telefoons en telefoonnummers. Dit blijkt uit de grote hoeveelheid verschillende bij verdachten in gebruik zijnde telefoon- en IMEI-nummers die in dit onderzoek zijn afgeluisterd en ook uit de grote aantallen telecommunicatiemiddelen die bij doorzoekingen op adressen van verdachten (en op de [zeilboot 2] ) zijn aangetroffen.
weecht niks meer om iets te
ondernemen’. Hierop reageert [medeverdachte 1] door te zeggen: ‘Je komt niet voor niets’. Naar het oordeel van de rechtbank valt hieruit zonder meer af te leiden dat zij slechts met één doel voor ogen zo lang daar zijn gebleven namelijk het gezamenlijk met verdachte organiseren en uitvoeren van een cocaïnetransport naar Nederland.
- zich en/of een of meer ander(en) gelegenheid, middelen en/of inlichtingen tot het plegen van dat/die feit(en) heeft getracht te verschaffen, en/of
- voorwerpen, vervoermiddelen en/of gelden voorhanden heeft gehad waarvan verdachte wist of ernstige redenen had om te vermoeden, dat dat/die bestemd was/waren tot het plegen van dat/die feit(en),
- zeilboten, genaamd [zeilboot 1] / [boot 3] en/of [zeilboot 2] , aangeschaft, en/of
- (meermalen) aanwezig geweest (als eerste stuurman en/of bemanningslid) op de (zeil)boot de [zeilboot 2] , en/of
- bemanning geregeld en/of laten regelen voor de (zeil)boot de [zeilboot 1] en/of
- geldzendingen (laten) verricht(en) vanuit Nederland naar Trinidad en Tobago;
- het plegen van misdrijven als bedoeld in artikel 10 vierde Pro en/of vijfde lid van de Opiumwet, namelijk het binnen en/of buiten het grondgebied van Nederland brengen, in elk geval het afleveren en/of verstrekken en/of vervoeren van cocaïne en/of
- het plegen van strafbare voorbereidingshandelingen als bedoeld in artikel 10a van de Opiumwet;
- een geldbedrag van euro 4000,- (32712,08 Trinidad en Tobago DLR) (op 31 januari 2013 aan [medeverdachte 2] ) en/of
- een geldbedrag van euro 1000,- (op 13 februari 2013 aan [medeverdachte 1] ) en/of
- een geldbedrag van euro 400,- (op 26 februari 2013 aan [medeverdachte 1] ) en/of
- een geldbedrag van euro 2000,- (op 27 februari 2013 aan [medeverdachte 1] ) en/of
- een geldbedrag van euro 5000,- (39385,50 Trinidad en Tobago DLR) (op27 februari 2013 aan [medeverdachte 1] ) en/of
- een geldbedrag van euro 236,- (537,97 Netherlands Ant. Gld) (op 25 februari 2014 van [medeverdachte 2] ) en/of
- een geldbedrag van euro 1763,- (op 14 maart 2014 van [verzender 1] ) en/of
- een geldbedrag van euro 290,- (op 15 maart 2014 van [verzender 2] ) en/of
- een geldbedrag van euro 250,- (op 30 juni 2014 van [medeverdachte 1] ) en/of
5.Kwalificatie en strafbaarheid van de feiten
6.Strafbaarheid van verdachte
7.Motivering van de sanctie
8.Toepasselijke wettelijke voorschriften
9.Beslissing
16 (zestien) maanden.