ECLI:NL:RBNHO:2020:9159
Rechtbank Noord-Holland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling terugvordering kinderopvangtoeslag 2017 en prematuur bezwaar
Eiseres diende op 4 januari 2018 een aanvraag kinderopvangtoeslag in voor 2017. Verweerder kende een voorschot toe vanaf 1 oktober 2017 en stelde de definitieve toeslag vast op €316, gebaseerd op 58 uren opvang in oktober 2017. Eiseres maakte bezwaar tegen deze berekening en stelde recht te hebben op toeslag vanaf februari 2017.
De rechtbank overweegt dat op grond van artikel 1.3, tweede lid, onderdeel b van de Wkkp, toeslag slechts kan worden toegekend vanaf drie maanden voor de datum van aanvraag, hier 1 oktober 2017. Het bezwaar werd prematuur ingediend maar toch ontvankelijk verklaard. Uit de stukken blijkt dat eiseres slechts 58 uren opvang heeft genoten en geen bewijs leverde van hogere kosten.
De rechtbank concludeert dat verweerder de toeslag correct heeft berekend en het teveel ontvangen bedrag terecht terugvordert. Het beroep wordt ongegrond verklaard en een proceskostenveroordeling wordt niet opgelegd. Partijen kunnen binnen zes weken hoger beroep instellen bij de Raad van State.
Uitkomst: Het beroep wordt ongegrond verklaard en het teveel ontvangen bedrag aan kinderopvangtoeslag 2017 wordt terecht teruggevorderd.