Uitspraak
RECHTBANK NOORD-HOLLAND
uitspraak van de enkelvoudige kamer van 28 juli 2020 in de zaak tussen
[eisers] , wonende te [woonplaats] ,
het dagelijks bestuur van WerkSaam Westfriesland, verweerder
Procesverloop
Overwegingen
€ 50,-- per week uit. Kleding wordt door de ouders gekocht en opgestuurd uit China.
€ 1230,- . Uitgegaan is van de norm voor alleenstaanden en dat een boete binnen 12 maanden voldaan moet kunnen worden. Het bedrag van € 1230,- is dan ook terecht opgelegd. Aan eiseres is geen boete opgelegd. Zij is wel aangeschreven omdat zij op grond van artikel 18a, negende lid, PW mede verantwoordelijk is voor betaling van de boete.
Beslissing
- verklaart het beroep ongegrond;
- bepaalt dat verweerder, conform de afspraak tussen partijen ter zitting, aan eiser
mr. I. Boland, griffier op 28 juli 2020. Als gevolg van maatregelen rondom het coronavirus is deze uitspraak niet uitgesproken op een openbare uitsprakenzitting. Zodra het openbaar uitspreken weer mogelijk is, wordt deze uitspraak, indien nodig, alsnog in het openbaar uitgesproken.