ECLI:NL:RBNHO:2020:5607
Rechtbank Noord-Holland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing urgentieverklaring wegens niet voldoen aan calamiteitscriteria en geen toepassing hardheidsclausule
Eiser vroeg op 5 oktober 2018 een urgentieverklaring aan om voorrang te krijgen bij sociale huur in de gemeente Haarlem. Verweerder wees dit af omdat eiser niet voldeed aan de criteria van artikel 9 van Pro de Huisvestingsverordening Zuid-Kennemerland/IJmond 2017. Volgens verweerder was er geen sprake van een calamiteit zoals brand of ernstige waterschade die de woning onbruikbaar maakte.
Eiser stelde dat hij zijn woning verloor door een ziekenhuisopname in het buitenland, waardoor zijn uitkering stopgezet werd en de woning ontruimd. De rechtbank oordeelde dat dit geen calamiteit was zoals bedoeld in de verordening, omdat de woonproblematiek voortkwam uit het niet betalen van huur en het niet informeren van de verhuurder en gemeente over zijn verblijf in het buitenland.
Eiser deed ook een beroep op de hardheidsclausule, stellende dat hij geen netwerk had om zijn zaken te regelen en dat hij geen laakbaar gedrag vertoonde. Verweerder stelde dat de hardheidsclausule slechts in uitzonderlijke situaties geldt en dat er alternatieven waren, zoals het zoeken van woonruimte elders. De rechtbank volgde verweerder en vond dat er geen bijzondere hardheid bestond.
Het beroep van eiser werd ongegrond verklaard en er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd. De uitspraak werd gedaan door rechter J.J. Maarleveld op 23 juli 2020, zonder openbare zitting vanwege coronamaatregelen.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van de urgentieverklaring wordt ongegrond verklaard.