Uitspraak
Rechtbank noord-holland
uitspraak van de enkelvoudige kamer van 2 juni 2020 in de zaak tussen
[X] , wonende te [Z] , eiser,
de heffingsambtenaar van de gemeente Purmerend, verweerder.
Procesverloop
Overwegingen
- verweerder heeft geen inpandige opname gedaan en heeft daardoor geen goed beeld van de onderhoudstoestand van de woning;
- verweerder heeft onvoldoende rekening gehouden met de onderhoudstoestand van de woning (schilderwerk binnen en buiten en scheurvorming op zolder);
- vergelijkingsobject [C] is een eindwoning en is verkocht met een cheque t.w.v. € 10.000 voor een badkamer en dat leidt tot een lagere waarde van de woning;
- de door de taxateur gebruikte vergelijkingsobjecten kunnen, ondanks dat de verkoopdatum meer dan een jaar gelegen is van de waardepeildatum, wel worden gebruikt (vgl. Gerechtshof Den Haag 21 februari 2020, ECLI:NL:GHDHA:2020:446).
- de vergelijkingsobjecten zijn goed vergelijkbaar omdat ze een vergelijkbaar afwerkingsniveau hebben en woningen zijn van hetzelfde type. Voorts zijn de woningen in dezelfde straat gelegen en hebben alle woningen een (voor die buurt) unieke ligging aan het water;
- qua staat van onderhoud is de woning vergelijkbaar met de vergelijkingsobjecten, zodat dat al verdisconteerd is;
- vergelijkingsobject [C] is goed vergelijkbaar en in de matrix is rekening gehouden met de cheque van € 10.000 voor de badkamer;
- de waarde in het taxatierapport van eiser is niet reëel. [E] ligt in een andere wijk en is gebouwd in de jaren 70 met andere voorzieningen en eisen. [D] is ruim negen maanden voor de waardepeildatum verkocht. [F] is een jaar voor de waardepeildatum verkocht;
- gelet op het taxatierapport van de gemeente is er geen reden om de WOZ-waarde aan te passen.