ECLI:NL:RBNHO:2020:3957
Rechtbank Noord-Holland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling WOZ-waarde woning en onderbouwing vergelijkingsobjecten
Eiser betwistte de door verweerder vastgestelde WOZ-waarde van zijn woning op €333.000 en stelde een lagere waarde van €305.000 voor op basis van een taxatierapport. Verweerder handhaafde de waarde bij uitspraak op bezwaar en onderbouwde deze met een waardematrix en vergelijkingsobjecten.
De rechtbank oordeelde dat verweerder aan zijn bewijslast had voldaan door de waarde te baseren op verkoopprijzen van vergelijkbare woningen in dezelfde straat en periode. De stellingen van eiser over onderhoud en ligging werden niet gevolgd, omdat de dakbedekking en ligging volgens de rechtbank geen waardevermindering rechtvaardigen.
Ook werd geoordeeld dat verweerder niet verplicht was tot een inpandige taxatie en dat de onjuiste gegevens in de uitspraak op bezwaar een verschrijving waren waar eiser geen rechten aan kan ontlenen. Het beroep werd daarom ongegrond verklaard en de vastgestelde WOZ-waarde bevestigd.
Uitkomst: Het beroep tegen de vastgestelde WOZ-waarde wordt ongegrond verklaard en de waarde van €333.000 bevestigd.