ECLI:NL:RBNHO:2020:3202
Rechtbank Noord-Holland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Ontvankelijkheid beroep inzake aanslag inkomstenbelasting en premie volksverzekeringen 2016
Eiseres is gehuwd en heeft samen met haar partner een woning in eigendom gehad in 2016. Voor dat jaar is aan eiseres een aanslag inkomstenbelasting en premie volksverzekeringen opgelegd, gebaseerd op een belastbaar inkomen uit werk en woning van €55.218. De aanslag is gehandhaafd na bezwaar. Eiseres stelde beroep in tegen deze aanslag, maar verscheen niet op de zitting.
De kern van het geschil betrof de ontvankelijkheid van het beroep, waarbij verweerder stelde dat eiseres geen belang had bij haar beroep omdat zij niet in een betere positie kon komen. De rechtbank oordeelde dat eiseres wel degelijk belang had bij het beroep, omdat het haar de mogelijkheid bood om op andere gronden een lagere aanslag te verkrijgen.
Echter, eiseres had geen gronden aangevoerd tegen haar eigen aanslag, maar slechts tegen die van haar partner. De rechtbank verklaarde het beroep daarom ontvankelijk maar ongegrond. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd. De uitspraak werd gedaan door rechter G.H. de Soeten op 24 april 2020, zonder openbare zitting vanwege coronamaatregelen.
Uitkomst: Het beroep van eiseres tegen de aanslag inkomstenbelasting en premie volksverzekeringen 2016 wordt ontvankelijk verklaard maar inhoudelijk ongegrond.