ECLI:NL:RBNHO:2020:2924
Rechtbank Noord-Holland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Ontvankelijkheid bezwaar tegen te late betaling BPM afgewezen wegens termijnoverschrijding
Eiseres heeft bezwaar gemaakt tegen de betaling van BPM voor een geregistreerde Audi A1. De betaling vond plaats op 29 maart 2018, waarna het bezwaarschrift op 22 mei 2018 werd ontvangen, wat na de wettelijke termijn viel.
De rechtbank oordeelt dat eiseres niet in verzuim was met betrekking tot de kennis van de betaaldatum, maar dat dit haar niet vrijstelt van de verantwoordelijkheid om tijdig bezwaar in te dienen. Het bezwaar is daarom terecht niet-ontvankelijk verklaard.
Eiseres stelde tevens dat zij niet gehoord was voorafgaand aan de niet-ontvankelijkverklaring, maar uit het hoorgesprek van 10 juli 2018 blijkt dat zij bewust afzag van verdere behandeling. De rechtbank wijst het beroep ongegrond en kent geen proceskostenvergoeding toe.
Uitkomst: Het bezwaar tegen de BPM-betaling is niet-ontvankelijk verklaard wegens overschrijding van de bezwaartermijn en het beroep is ongegrond.